Het Openbaar Ministerie heeft een gevangenisstraf van dertien jaar en tbs met dwangverpleging geëist tegen een 23-jarige man die wordt verdacht van het doden van zijn vader in Amsterdam-Zuidoost.
De man, die geen vaste woon- of verblijfplaats heeft, staat daarnaast terecht voor een gewapende overval op een tankstation in Diemen en voor illegaal wapenbezit.
Het slachtoffer, een 65-jarige man, werd op 30 maart 2024 levenloos aangetroffen in zijn woning. Uit onderzoek bleek al snel dat sprake was van een misdrijf. Camerabeelden uit de omgeving van het huis speelden een belangrijke rol bij het onderzoek en leidden begin juni tot de aanhouding van de zoon van het slachtoffer.
Na zijn arrestatie leverde DNA-onderzoek extra belastend bewijs op. Het DNA-profiel van de verdachte bleek overeen te komen met sporen uit twee oudere strafzaken: een gewapende overval op een tankstation in Diemen in oktober 2020 en een zaak van wapenbezit uit februari 2022. Beide feiten heeft de man later bekend.
Volgens zijn eigen verklaring forceerde hij de woning van zijn vader door met een stoeptegel een ruit van de achterdeur in te gooien. Die tegel werd in het huis teruggevonden en bevatte zijn DNA. In de woning stak hij zijn vader dood. Over de overval in Diemen heeft de verdachte eveneens een bekentenis afgelegd.
Uit het dossier komt een beeld naar voren van een ernstig verstoorde relatie tussen vader en zoon. Er waren spanningen over geld, vermoedelijk drugsgebruik en schulden. Ook speelde een conflict over de schoolgang van de verdachte, nadat zijn vader ontdekte dat hij niet meer studeerde terwijl hij wel de opleiding betaalde.
Het OM stelt dat sprake is van moord en niet van doodslag, omdat de daad volgens justitie zorgvuldig was voorbereid. Zo zou de verdachte al maanden met het plan hebben rondgelopen, vooraf speciale schoenen hebben gekocht om sporen te vermijden en vlak voor vertrek tegen familie hebben gelogen over zijn bestemming. In zijn telefoon werd bovendien een notitie aangetroffen die volgens het OM wijst op een bewuste beslissing om zijn vader te doden.
De verdachte heeft verklaard dat hij in zijn jeugd door zijn vader seksueel zou zijn misbruikt. Justitie heeft dit niet kunnen bevestigen en stelt dat dit, zelfs als het waar zou zijn, geen rechtvaardiging vormt voor de gepleegde feiten.
Gezien de ernst van de moord, de eerdere geweldsdelicten en de psychische problematiek van de verdachte acht het OM een langdurige gevangenisstraf in combinatie met verplichte behandeling noodzakelijk. De rechtbank doet op een later moment uitspraak.

