De rechtbank Oost-Brabant heeft een 51-jarige man veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. Hij sloeg op 2 september 2023 een vriend met een hamer dood.
De 58-jarige vriendin van het slachtoffer wordt medeplichtig geacht aan de moord, omdat ze toestemming gaf en niet ingreep. Zij kreeg een gevangenisstraf van drie jaar en vier maanden.
Gewelddadige aanval na ruzie
De moord vond plaats in een huurwoning in het centrum van ’s-Hertogenbosch, waar zowel het slachtoffer als de verdachte tijdelijk verbleef. Op de avond van het incident gingen de twee mannen samen naar buiten. Toen de 51-jarige verdachte later thuiskwam, was hij woedend en uitte hij zijn frustratie tegenover de vrouw. Hij sloeg een gat in de tafel en verklaarde dat hij zich “weer door hem had laten gebruiken.”
Vervolgens vroeg hij aan de vrouw of ze het ermee eens was dat hij haar vriend zou doden. Ze dacht na, gaf toestemming en trok zich terug in de voorkamer met haar oren dicht. De verdachte haalde daarop een hamer en sloeg het slachtoffer meerdere keren op het hoofd terwijl hij in bed lag. Toen de man nog tekenen van leven vertoonde, drukte hij een kussen tegen zijn gezicht.
Stilzwijgen en late melding
Na de moord zaten de verdachte en de vrouw lange tijd zwijgend naast elkaar op de bank. Later gingen ze naar buiten om peuken te rapen en bier te kopen. Pas in de ochtend, kort voor 11.00 uur, belde de verdachte zijn begeleider en later de hulpdiensten.
Voorbedachte rade en strafmaat
De rechtbank concludeert dat er sprake was van voorbedachte rade en oordeelt de zaak als moord. De verdachte wachtte bewust op de toestemming van de vrouw en haalde doelgericht een moordwapen uit de woning.
Bij de strafbepaling weegt mee dat de man een lang strafblad heeft met eerdere veroordelingen voor bedreiging, vernieling en mishandeling. Psychologische rapporten stellen vast dat hij kampt met een ernstige stoornis, waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar is. De rechtbank legt daarom, naast een celstraf van vijftien jaar, tbs met dwangverpleging op vanwege het hoge risico op herhaling.
De vrouw kreeg een lagere straf omdat haar rol beperkter was en ze sterk verminderd toerekeningsvatbaar is door een verstandelijke beperking en verschillende stoornissen. Wel rekent de rechtbank het haar zwaar aan dat ze toestemming gaf voor de moord en niet ingreep. Omdat ze uiteindelijk de waarheid vertelde, wat bijdroeg aan de helderheid over het misdrijf, is haar straf vastgesteld op drie jaar en vier maanden cel.

