Wat begon als een conflict over een partij hasj en snus ter waarde van ongeveer 600 euro, eindigde volgens de rechtbank in een koelbloedige liquidatie.
De rechtbank in Lelystad heeft de 20-jarige Thommy S. uit Hilversum veroordeeld tot twintig jaar gevangenisstraf voor de moord op de 21-jarige Ozan Alakus en een poging tot doodslag op diens vriendin.
De schietpartij vond plaats op 14 oktober 2024 op een parkeerplaats bij sportpark Crailoo in Hilversum.
Ozan Alakus zat daar samen met zijn vriendin in een auto toen de schutter het vuur opende. Volgens de rechtbank werden veertien kogels afgevuurd. Alakus overleed ter plaatse aan zijn verwondingen. Zijn vriendin wist ongedeerd uit de auto te komen en kon wegvluchten.
Uit het onderzoek kwam naar voren dat de schietpartij waarschijnlijk voortkwam uit een conflict dat negen dagen eerder was ontstaan. Thommy S. zou toen slachtoffer zijn geworden van een ripdeal waarbij hij hasj en snus ter waarde van ongeveer 600 euro verloor. Volgens justitie en de rechtbank was Alakus betrokken bij die beroving. De rechters zien de latere schietpartij daarom als een doelbewuste wraakactie.
De rechtbank spreekt in het vonnis van een koelbloedige en geplande liquidatie. Volgens de rechters werd een relatief klein conflict in het drugsmilieu beslecht met extreem geweld. Daarbij werd niet alleen het leven van Alakus beëindigd, maar liep ook zijn vriendin groot gevaar doordat zij zich op het moment van de schietpartij in dezelfde auto bevond.
Tijdens het proces heeft Thommy S. geen verklaring afgelegd over wat er precies is gebeurd. De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van getuigen, technische onderzoeksresultaten en andere bewijsmiddelen uit het dossier.
Een van de getuigen was een 13-jarig meisje dat op het moment van de schietpartij langs de parkeerplaats fietste. Zij hoorde meerdere schoten en zag vervolgens een jonge vrouw in paniek uit de auto rennen. Volgens de rechtbank laat dat zien hoe groot de impact van het geweld ook op toevallige omstanders is geweest.
De verdediging probeerde nog te bereiken dat het jeugdstrafrecht zou worden toegepast vanwege de leeftijd van de verdachte. De rechtbank wees dat verzoek af. Hoewel de rechters naar eigen zeggen uitgebreid hebben stilgestaan bij zijn jonge leeftijd, vonden zij de ernst van de feiten doorslaggevend.
Met de opgelegde straf volgt de rechtbank exact de eis van het Openbaar Ministerie. Volgens de rechters moet de straf duidelijk maken dat liquidaties en vuurwapengeweld, ook wanneer die voortkomen uit conflicten in het criminele circuit, onacceptabel zijn.

