Het Openbaar Ministerie heeft donderdag vier jaar gevangenisstraf geëist tegen een 40-jarige man uit Lieshout.
Hij wordt verdacht van het laten plaatsen van een explosief bij de woning van zijn ex-partner in Best en daarnaast nog van bedreiging en mishandeling. Ook eist het OM een contactverbod waarmee de man geen contact meer mag hebben met het slachtoffer.
In de nacht van 1 maart 2024 ging bij de voordeur van de woning aan de Johannes Vermeerstraat een explosief af.
Volgens het oordeel van justitie was het doel van de daad intimiderend en gevaarlijk: de deur vloog in brand doordat aan een Cobra 6-vuurwerk een fles wasbenzine was bevestigd. Bewoners — de vrouw en haar dochter — konden op tijd in veiligheid komen, maar de woning liep aanzienlijke schade op. Gelukkig raakte niemand levensgevaarlijk gewond.
Het onderzoek legde een directe verbinding tussen de opdrachtgevers en de uitvoerder. Op restanten van het explosief werd DNA aangetroffen dat leidde tot de aanhouding van een 55-jarige man uit Best; die man werd eerder veroordeeld tot 36 maanden celstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk. Aanvankelijk weigerde hij de opdrachtgever te noemen, maar later verklaarde hij dat hij het explosief had geplaatst in ruil voor cocaïne. Opsporers troffen bovendien bewijs op de telefoon van de uitvoerder: foto’s van het doelpand en chatgesprekken met de verdachte in de aanloop naar de aanslag.
Uit het strafdossier blijkt verder dat de verdachte nauw betrokken was bij de constructie en aflevering van het explosief: de officier van justitie stelt dat het geen uitlokking maar medeplegen betrof. Op zijn telefoon werden berichten aangetroffen die volgens het OM een organiserende rol bevestigen; ook zou hij vooraf bij degene zijn geweest die het explosief in elkaar zette.
De aanleiding voor de daad lijkt een verbroken relatie. De officier van justitie stelde dat de verdachte de breuk niet kon accepteren en zijn ex-partner eerder al had mishandeld en bedreigd met doods- en brandwens. Justitie benadrukte in haar requisitoir dat explosies zoals deze enorme risico’s met zich meebrengen — niet alleen voor directe slachtoffers, maar ook voor omwonenden — en wees op eerdere gevallen waarin mensen ernstig gewond raakten of zelfs omkwamen.
Tijdens de zitting benadrukte het OM dat de combinatie van de ernst van het middel, de bewezen betrokkenheid en het eerdere geweld jegens het slachtoffer een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt. De rechter doet naar verwachting over twee weken uitspraak.

