Een 18-jarige man uit Den Haag staat terecht voor het ronselen en aansturen van minderjarigen voor zwaar geweld, waaronder een explosie met een cobra en een poging tot bedreiging met een vuurwapen.
Volgens het Openbaar Ministerie gebruikte hij Snapchat om jongeren in te zetten voor criminele opdrachten, waarbij zij voor relatief kleine geldbedragen levensgevaarlijke klussen uitvoerden.
De zaak draait onder meer om een explosie op 1 november 2025 aan de Roggeveenstraat in Den Haag. Daarbij werd een 16-jarige jongen op heterdaad aangehouden nadat hij een Cobra 6 had vastgemaakt en tot ontploffing had gebracht. De minderjarige verklaarde later dat hij een dag eerder via Snapchat was benaderd met de opdracht om de explosie uit te voeren in ruil voor 350 euro. Het vuurwerk werd bij hem thuis bezorgd.
Het account waarmee de opdracht zou zijn gegeven, kon door de politie worden herleid tot de 18-jarige verdachte. Het Openbaar Ministerie ziet hem niet alleen als opdrachtgever, maar ook als medepleger van de explosie, omdat hij volgens justitie de volledige actie zou hebben gecoördineerd.
De minderjarige uitvoerder werd in februari door de kinderrechter veroordeeld tot 125 dagen jeugddetentie, waarvan 99 voorwaardelijk, en een taakstraf van 50 uur.
Naast deze explosiezaak wordt de verdachte ook gelinkt aan een tweede incident eerder die maand. Daarbij werden drie minderjarige jongens richting Duindorp gestuurd om iemand te bedreigen met een vuurwapen. Nog voordat de bedreiging kon worden uitgevoerd, grepen omstanders en politie in en werden de jongeren aangehouden. Ook in dat geval zou de opdracht via Snapchat zijn verstrekt en ging het om een beloning van 500 euro, opnieuw gekoppeld aan hetzelfde account.
Tijdens de zitting wees de officier van justitie op het structurele karakter van het gebruik van minderjarigen voor geweldsdelicten.
“Minderjarigen zijn vaak bereid dit soort klussen te doen voor relatief weinig geld, gelet op de risico’s die ze lopen. De opdrachtgevers lopen zelf geen gevaar en risico, omdat ze vaak buiten beeld blijven. Maar in deze zaak dus niet.”
Het Openbaar Ministerie stelt dat de verdachte zich schuldig maakt aan het doelbewust inzetten van kwetsbare jongeren voor ernstig geweld en eist een gevangenisstraf van vijf jaar. De rechtbank doet over twee weken uitspraak.

