Op 26 september zijn twee mannen uit Den Haag aangehouden voor bpm-fraude.
De mannen zouden volgens de FIOD opzettelijk te hoge schadebedragen hebben vermeld in taxatierapporten voor auto’s uit het buitenland. Hierdoor konden ze te weinig bpm afdragen aan de Belastingdienst.
De mannen, een 30-jarige en een 33-jarige, worden verdacht van het medeplegen van het doen van onjuiste aangiften bpm en valsheid in geschrift. Een kantoorpand in Rijswijk is doorzocht, waar beslag is gelegd op digitale en fysieke administratie, bankrekeningen, drie auto’s en een motor.
Het onderzoek is gestart na een melding van de Belastingdienst. De Belastingdienst had geconstateerd dat verschillende Duitse ondernemers auto’s hadden gefactureerd aan een Nederlands bedrijf, maar dat dit fiscaal niet op de juiste wijze was verantwoord. Voor deze auto’s uit het buitenland werd bij het doen van de verplichte bpm-aangiften in alle gevallen gebruik gemaakt van taxatierapporten gemaakt op naam van de eenmanszaak van de 33-jarige verdachte.
Uit onderzoek van de FIOD bleek dat in de taxatierapporten van alle auto’s opzettelijk te hoge schadebedragen waren vermeld. Deze schadebedragen waren telkens veel hoger dan de werkelijke aanschafprijs van de door cliënten aangekochte auto’s. Hierdoor waren de bpm-aangiften, waar de taxatierapporten voor nodig waren, opzettelijk onjuist gedaan.
De FIOD vermoedt dat deze werkwijze al diverse jaren en op grote schaal is toegepast bij klanten (bedrijven en particulieren) van de eenmanszaak. Hierdoor is aan de Belastingdienst te weinig bpm is afgedragen.
Het onderzoek staat onder leiding van het Functioneel Parket.

