Bij protesten in de Spaanse stad Valencia zijn zaterdag zeker 31 politieagenten gewond geraakt, en vier mensen werden gearresteerd.
De demonstraties waren een reactie op de vertraagde hulpverlening na de dodelijke overstromingen van 29 oktober, waarbij 220 mensen om het leven kwamen en de regio zwaar beschadigd werd.
Onvrede over trage hulpverlening
Ongeveer 130.000 demonstranten kwamen samen om hun ongenoegen te uiten over de volgens hen gebrekkige respons van de autoriteiten op de ramp. Ze eisten het aftreden van Carlos Mazón, de president van de regio Valencia, die ze verantwoordelijk houden voor de vertragingen in de hulpverlening.
Demonstratie escaleert bij het stadhuis
Hoewel de demonstratie aanvankelijk vreedzaam verliep, escaleerde de situatie bij het stadhuis toen er vuurpijlen werden afgeschoten en er confrontaties met de politie ontstonden. Demonstranten gooiden onder andere met stoelen en modder, en de politie moest ingrijpen om de orde te herstellen. De vier arrestanten zouden volgens politierapporten banden hebben met een extreemlinkse groepering.
Hulpdiensten en militaire inzet
De Spaanse overheid heeft inmiddels 8.500 militairen en tienduizend agenten ingezet om de situatie in het getroffen gebied onder controle te krijgen en verdere schade te beperken. De omvang van de schade in de regio Valencia is groot, en de getroffen inwoners blijven druk uitoefenen op de autoriteiten voor snellere hulp en herstel.

