Op donderdagavond 3 april heeft de politie in Arnhem een Benaderingstechniek Gevaarlijke Verdachten (BTGV) toegepast bij twee minderjarige jongens, nadat het leek alsof zij dreigden met een vuurwapen.
Uiteindelijk bleek het wapen een balletjespistool te zijn en was van dreiging geen sprake. De jongens werden aangehouden en overgebracht naar het politiebureau, maar zijn inmiddels weer vrijgelaten.
Rond 19.30 uur zagen agenten de twee jongens op een bromfiets rijden zonder helm, op de Fluitekruid. Toen zij bijna in botsing kwamen met twee andere bromfietsers, zagen de agenten één van de jongens een voorwerp pakken dat leek op een vuurwapen en vervolgens dreigen naar de andere bromfietsers. Gealarmeerd door de situatie, blokkeerden de agenten de weg met hun voertuig en stapten uit met hun wapens getrokken.
De agenten losten een waarschuwingsschot en gaven opdracht om de bromfietsen tot stilstand te brengen. Na het stoppen van de voertuigen werd de Benaderingstechniek Gevaarlijke Verdachten uitgevoerd. Dit is een procedure waarbij de politie voorzichtig en zorgvuldig omgaat met mogelijk gevaarlijke situaties om de veiligheid van iedereen te waarborgen.
Wapen blijkt balletjespistool
Bij de aanhouding bleek het wapen waar de jongens mee dreigden, een balletjespistool te zijn. Dit wapen is dus niet in staat om daadwerkelijk schade aan te richten zoals een echt vuurwapen, maar zorgde wel voor een moment van onrust. De jongens werden na de controle naar het bureau overgebracht en na verhoor weer vrijgelaten.
De politie benadrukt dat hoewel het wapen onschuldig bleek, de situatie serieus werd genomen gezien de dreiging die aanvankelijk werd waargenomen. Het onderzoek naar het incident loopt nog.


