De Verenigde Staten zullen vier Europese activistengroepen officieel aanwijzen als terroristische organisaties.
Dat heeft het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken aangekondigd.
De maatregel betekent dat Amerikaanse burgers, bedrijven en instellingen geen enkele vorm van steun meer mogen bieden aan deze groepen. Ook worden hun eventuele tegoeden in de VS vanaf volgende week bevroren.
Een van de organisaties is het Duitse Antifa Ost, dat volgens de Amerikaanse autoriteiten betrokken was bij aanvallen op personen die door hen als fascisten of extreemrechtse activisten werden gezien. De VS verwijst daarbij onder meer naar rellen in Boedapest in 2023, waar een antifascistische demonstratie tegen een extreemrechtse bijeenkomst uitmondde in gewelddadige confrontaties.
Naast Antifa Ost worden ook een Italiaanse groep en twee Griekse anarchistische organisaties aangemerkt als terroristisch. De Griekse Revolutionary Class Self-Defense wordt door de VS in verband gebracht met twee bomaanslagen: een aanval op kantoren van de Griekse spoorwegen in 2024 en een aanslag op het ministerie van Arbeid in 2025, beide gepleegd met zelfgemaakte explosieven.
Volgens buitenlandminister Rubio sluit de maatregel aan bij de bredere plannen van president Trump om wat hij noemt antifascistische netwerken te ontmantelen. De Amerikaanse autoriteiten stellen dat de organisaties radicale anarchistische of marxistische ideologieën aanhangen, die volgens hen worden gebruikt om gewelddadige acties in binnen- en buitenland te rechtvaardigen.
De stap volgt op de dood van radicaal-rechtse activist Charlie Kirk, waarna Trump een harde koers aankondigde tegen linkse “terreurnetwerken”. Eerder, in september, tekende de president al een decreet met de wens om Antifa tot binnenlandse terreurorganisatie te verklaren. Een daadwerkelijk verbod is echter niet mogelijk, omdat de Verenigde Staten geen wettelijke basis kennen om binnenlandse groeperingen formeel te verbieden.

