De FIOD heeft vier mannen aangehouden in een onderzoek naar vermoedelijke grootschalige belastingfraude rond de handel in alcoholvrije dranken.
Het gaat om mannen van 33, 39, 54 en 68 jaar uit Enschede, Hengelo en Leeuwarden. Het vermoedelijke belastingnadeel loopt volgens de opsporingsdienst op tot 8,5 miljoen euro.
De aanhoudingen vonden op 29 september plaats. Tegelijkertijd werden woningen van de verdachten en bedrijfspanden in Emmeloord, Haaksbergen en Hengelo doorzocht.
Rechercheurs namen onder meer administraties en digitale gegevensdragers mee voor verder onderzoek. Nieuwe arrestaties worden niet uitgesloten.
De zaak kwam aan het rollen na bedrijfsbezoeken van de Belastingdienst. Daarbij ontstond het vermoeden dat meerdere ondernemingen onderdeel waren van een constructie waarbij btw over grensoverschrijdende drankhandel niet werd afgedragen.
De bedrijven zouden goederen rechtstreeks hebben ingekocht bij leveranciers in andere EU-landen. Bij dergelijke intracommunautaire leveringen wordt doorgaans 0 procent btw in rekening gebracht. Vervolgens zouden de goederen via de verdachte ondernemingen met 9 procent btw zijn doorverkocht aan een Nederlandse groothandel.
Die btw zou vervolgens niet of slechts gedeeltelijk aan de Belastingdienst zijn betaald. De groothandel trok het bedrag dat zij aan btw had betaald ondertussen wel af als voorbelasting. Daarmee ontstond volgens de FIOD een constructie waarbij de ene onderneming de belasting niet afdroeg, terwijl een andere onderneming het bedrag wel in haar aangifte verwerkte.
De onderzochte bedrijven vertonen volgens de FIOD kenmerken van zogenoemde ploffers. Dat zijn ondernemingen die binnen een btw-constructie worden gebruikt om belasting bij klanten in rekening te brengen, maar die belasting vervolgens niet aan de fiscus afdragen. Vaak verdwijnen dergelijke bedrijven daarna of gaan ze failliet voordat de belasting kan worden geïnd.
In het onderzoek zijn naast de vier verdachte ondernemingen nog vier vermoedelijke ploffers naar voren gekomen. Gezamenlijk zouden deze bedrijven voor meer dan 28 miljoen euro aan goederen hebben geleverd aan dezelfde groothandel.
Ook de verbruiksbelasting vormt een belangrijk onderdeel van het onderzoek. Bij de import van alcoholvrije dranken uit andere EU-landen kan een Nederlandse onderneming verplicht zijn om hierover verbruiksbelasting aan te geven en af te dragen. Volgens de FIOD bestaat het vermoeden dat goederen rechtstreeks vanuit het buitenland naar de uiteindelijke Nederlandse afnemer gingen, terwijl de facturen via de vermoedelijke ploffers liepen.
Als de Nederlandse afnemer de goederen als eerste in Nederland voorhanden heeft, kan juist die onderneming verantwoordelijk zijn voor het aangeven en betalen van de verbruiksbelasting. Volgens de FIOD zijn die verplichtingen in de onderzochte constructie vermoedelijk omzeild.
De recente aanhoudingen maken deel uit van een bredere reeks onderzoeken naar fraude in de drankenhandel. Zo werden op 27 augustus drie mannen uit Den Haag aangehouden die volgens de FIOD leidinggaven aan drie elkaar opvolgende drankengroothandels. Via vermoedelijke ploffers zouden alcoholhoudende en alcoholvrije dranken vanuit andere EU-landen zijn geïmporteerd zonder de verschuldigde btw, accijnzen en verbruiksbelasting af te dragen. Het fiscale nadeel wordt daar geschat op ruim 2,5 miljoen euro.
Ook in twee andere onderzoeken kwamen vermoedelijke overtredingen rond de import van alcoholvrije dranken aan het licht. In één zaak werd op 23 september een 47-jarige man uit Dongen aangehouden. Hij was bestuurder van een groothandel die dranken uit binnen- en buitenland importeerde. Volgens de Douane stonden in de administratie facturen waaruit bleek dat verbruiksbelasting had moeten worden aangegeven, maar dat zou niet zijn gebeurd. Het voorlopige belastingnadeel bedraagt ruim 120.000 euro.
In een afzonderlijke zaak werd eveneens een 48-jarige man uit Breda aangehouden. Ook daar draait het onderzoek om de import van alcoholvrije dranken en het vermoedelijk niet voldoen aan fiscale verplichtingen. Het geschatte belastingnadeel bedraagt in dat dossier ruim 320.000 euro.
De verschillende onderzoeken staan onder leiding van het Functioneel Parket en zijn nog niet afgerond.
De FIOD onderzoekt onder meer hoeveel belasting daadwerkelijk is misgelopen en welke rol de verschillende ondernemingen en betrokken personen binnen de constructies hebben gespeeld.

