Een 33-jarige Hagenaar is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf voor de verkrachting van een Zuid-Koreaanse studente in Den Haag.
Ghalied A. drong haar woning binnen door zich voor te doen als politieagent en te zeggen dat hij onderzoek kwam doen naar drugs.
De man belde in de nacht van 12 september 2024 aan bij de studente, die op dat moment pas een maand in Nederland verbleef. Hij vertelde haar dat hij een tip had gekregen over drugs op haar kamer en dat hij die melding kwam controleren. Omdat de vrouw de Nederlandse procedures nog niet kende, liet ze hem binnen.
Eenmaal in haar kamer kreeg de situatie een gewelddadige wending. De vrouw moest naakt met haar handen tegen de muur staan en door haar knieën zakken, waarna A. haar verkrachtte. Meteen daarna wist ze zich in de badkamer op te sluiten. Vanuit daar belde ze 112.
Toen agenten arriveerden, troffen zij de studente naakt en huilend aan. Kort na het incident vertrok ze terug naar Zuid-Korea. De rechtbank hecht veel waarde aan haar verklaring, die volgens de rechters concreet, gedetailleerd en consistent was.
A. ontkende de verkrachting en hield vol dat de studente hem zelf had uitgenodigd. Volgens de rechtbank is die lezing niet geloofwaardig.
Dat het incident geen op zichzelf staande actie was, speelde eveneens een rol in de zaak. Enkele maanden later zou A. opnieuw op dezelfde manier hebben geprobeerd een studentenwoning binnen te komen. Dit keer deed niemand open.
Daarnaast is hij schuldig bevonden aan schennispleging in een ander studentencomplex. Daar zou hij zich in het openbaar hebben gemasturbeerd.
Het Openbaar Ministerie had vijf jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging geëist. De rechtbank legde geen tbs op. A. weigerde mee te werken aan het psychologisch onderzoek dat nodig was om een dergelijke maatregel te onderbouwen.
Na zijn vrijlating krijgt de Hagenaar wel extra toezicht. Daarmee blijft hij ook na zijn gevangenisstraf onder voorwaarden in beeld bij justitie.

