Twaalf jaar cel en een boete van 80.000 euro. Dat is de straf die het Openbaar Ministerie eist tegen een 56-jarige man uit Den Haag die wordt verdacht van betrokkenheid bij een groot drugslab in Middenbeemster.
In totaal staan zeven mannen terecht voor de productie van synthetische drugs. Tegen hen zijn celstraffen van drie tot twaalf jaar geëist.
De zaak kwam in een stroomversnelling nadat op 19 juni 2025 een grote brand uitbrak in het bedrijfspand waar het lab bleek te zitten.
De politie deed op dat moment al onderzoek naar mogelijke productie van synthetische drugs, na een tip over de activiteiten van de verdachten. De brand leverde volgens het OM sneller dan verwacht bewijs op dat zich in de loods daadwerkelijk een drugslab bevond.
De zeven mannen werden op 10 juli 2025 aangehouden. Forensisch onderzoek wees uit dat in het pand op grote schaal metamfetamine en MDMA werden geproduceerd. Volgens het OM zijn vrijwel alle verdachten op de locatie geweest en moeten zij hebben gezien wat daar gebeurde.
De politie verzamelde tijdens het onderzoek ook ander bewijs. Rechercheurs observeerden de verdachten en luisterden communicatie af in de auto van een van hen. Ook het vervoer via een pick-up op een carpoolplaats viel op: nadat ze daar waren geweest, zetten de betrokkenen hun telefoons uit of lieten die achter. In de auto van een verdachte werden bovendien meerdere sporen van metamfetamine aangetroffen.
De brand had grote gevolgen voor de omgeving. Door het risico van vrijgekomen giftige stoffen moesten mensen binnen een straal van vijf kilometer binnenblijven en ramen en deuren gesloten houden. Scholen en kinderopvang gingen dicht en bedrijven konden niet opstarten. De gevolgen van de brand vormden daarmee ook een belangrijk onderdeel van de zaak.
Volgens het OM laat het onderzoek daarnaast zien hoe conflicten rond drugshandel kunnen uitmonden in ernstig geweld. Na de brand zouden sommige verdachten financieel aansprakelijk zijn gehouden voor verloren drugs en productie. Zij zouden onder druk zijn gezet; één verdachte zou zelfs zijn ontvoerd. De officier van justitie stelde dat de financiële belangen in de synthetische-drugsmarkt groot zijn en dat geweld wordt gebruikt om die belangen te beschermen.
De strafeisen lopen uiteen. Tegen een 33-jarige man uit Den Haag eist het OM zeven jaar cel en een boete van 40.000 euro. Een 26-jarige man uit Utrecht hoorde een eis van acht jaar cel tegen zich, naast een geldboete waarvan het bedrag niet is vermeld.
Voor een 24-jarige man uit Volendam is vijf jaar gevangenisstraf geëist. Een 54-jarige plaatsgenoot moet volgens het OM drie jaar krijgen, waarvan één jaar voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.
Tegen een 59-jarige man uit De Meern eist het OM acht jaar cel en een boete van 80.000 euro. Voor een 46-jarige man uit Woerden is zeven jaar gevangenisstraf en een geldboete van 40.000 euro geëist.
Naast de gevangenisstraffen en boetes wil het OM dat de verdachten meebetalen aan het opruimen en vernietigen van het drugslab.
Die kosten bedragen ruim 150.000 euro. Het bedrag moet volgens het OM over de zeven mannen worden verdeeld, afhankelijk van hun aandeel in de zaak.

