In Zuid-Korea zijn drie mensen veroordeeld voor de dood van een pasgeboren kind.
Een chirurg, een ziekenhuisdirecteur en de moeder kregen straffen opgelegd nadat bleek dat een baby levend werd geboren en vervolgens werd gedood. De vrouw had na 36 weken zwangerschap om een abortus gevraagd.
De opererende arts moet vier jaar achter de tralies. De directeur van de kliniek kreeg de zwaarste straf: zes jaar cel. De moeder ontving een werkstraf gecombineerd met drie jaar voorwaardelijk. Voor het eerst in Zuid-Korea staan betrokkenen bij een late abortus terecht voor moord.
Twee jaar geleden plaatste de vrouw een YouTube-video waarin ze openlijk vertelde over haar ervaring. Het filmpje verspreidde zich als een lopend vuurtje en veroorzaakte massale woede in het conservatieve land. Autoriteiten startten daarop een onderzoek.
Zuid-Korea zit in een juridisch niemandsland wat betreft abortus. Vijf jaar geleden schrapte het land het verbod, maar niemand schreef nieuwe regels. Tot wanneer in een zwangerschap abortus mag, staat nergens vastgelegd. Deze leegte schept gevaarlijke situaties voor vrouwen.
Rechtbankverslagen schetsen een verschrikkelijk beeld van wat er gebeurde. Het kindje kwam levend ter wereld tijdens een keizersnede, vertelden aanklagers. Artsen stopten het vervolgens in een vriezer waar het overleed aan de kou. Deze methode liet geen sporen na die op moord wezen.
De kliniek vervalste medische dossiers om het te laten lijken alsof het kind dood was geboren. Zowel de chirurg als de directeur erkenden schuld aan de dood van het kind. Ze wisten dat de baby levend geboren zou worden maar gingen toch door met de procedure.
Voor de rechter verklaarde de moeder dat ze pas na zeven maanden doorhad dat ze zwanger was. Financiële problemen speelden mee in haar beslissing – ze had geen vast werk. Daarnaast maakte ze zich zorgen over mogelijke afwijkingen omdat ze had gerookt en alcohol had gebruikt tijdens haar zwangerschap.
Ziekenhuispersoneel weerlegde delen van haar verklaring. Volgens hen toonden onderzoeken aan dat het kind gezond was. Ook zou de vrouw van tevoren zijn geïnformeerd dat de baby levend geboren zou worden via een keizersnede. Zij blijft dit ontkennen en zegt dat ze dacht dat het een standaard late abortus betrof.
Bij de strafoplegging hield de rechter rekening met het ontbreken van duidelijke wetgeving. Ook wees hij op het gebrek aan hulp voor vrouwen in deze situatie. Daarom viel haar straf lichter uit dan die van de medici die bewust het leven van een pasgeborene beëindigden.
Nadat het hoogste gerechtshof in 2019 het abortusverbod ongrondwettelijk verklaarde, kreeg het parlement de opdracht nieuwe regelgeving te schrijven. Conservatieve politici blokkeerden dit proces volledig. Nu, vijf jaar later, bestaat er nog steeds geen enkele wettelijke richtlijn.
Amnesty International slaat alarm over deze situatie. Zonder heldere regels worden zwangere vrouwen gedwongen naar dubieuze klinieken te gaan waar uitbuiting plaatsvindt. Sommigen wachten gevaarlijk lang of krijgen helemaal geen zorg, waarschuwt de mensenrechtenorganisatie.
Het onderzoek bracht aan het licht dat deze kliniek vaker dergelijke ingrepen uitvoerde. Ruim 800.000 euro zou zijn verdiend aan ongeveer 500 abortussen. Tussenpersonen leverden vrouwen aan bij het ziekenhuis die wanhopig op zoek waren naar hulp die nergens anders te krijgen was.

