Een Belgische rechtbank heeft twee mannen van 25 en 23 jaar veroordeeld voor verkrachting en het vastleggen daarvan, maar hen geen gevangenisstraf opgelegd.
In plaats daarvan kregen zij taakstraffen van 285 uur en 100 uur, een beslissing die vooral vanwege de ernst van de feiten opvalt.
De zaak draait om een incident in Brugge op 3 november 2024, kort nadat het slachtoffer haar 18e verjaardag had gevierd. Zij kwam in de nacht op straat in contact met de twee mannen, waarna de situatie volgens het dossier snel escaleerde.
Het slachtoffer werd door één van de verdachten meegenomen naar een auto. Daar werd zij seksueel misbruikt door de 25-jarige man, terwijl de andere verdachte alles filmde. Het opgenomen materiaal werd vervolgens bewerkt en doorgestuurd, waarna het verder werd verspreid.
Daarna werd het slachtoffer meegenomen naar een woning, waar opnieuw een verkrachting plaatsvond. De politie kon uiteindelijk ingrijpen nadat vrienden van het slachtoffer haar locatie wisten te traceren via haar telefoon en de hulpdiensten alarmeerden.
Ondanks de zwaarte van de feiten hield de rechtbank rekening met de jonge leeftijd van de verdachten. Dat woog mee in de strafmaat, waardoor geen celstraf werd opgelegd maar taakstraffen van beperkte duur volgden.
De uitkomst van de zaak heeft in België opnieuw discussie opgeroepen over de manier waarop in ernstige zedenzaken wordt gestraft, zeker wanneer beelden worden gemaakt en verspreid.

