Een Oostenrijkse bergbeklimmer die zijn vriendin achterliet op bijna 3800 meter hoogte in de Alpen staat terecht voor haar dood.
De 37-jarige Thomas P. ontkent schuldig te zijn en verklaart dat hij haar achterliet om hulp te halen. Zijn 33-jarige vriendin Kerstin kwam om door onderkoeling.
Donderdag sprak Thomas P. tijdens de tweede zittingsdag over zijn eindeloze spijt voor wat er gebeurde op 19 januari 2025. Het stel was toen bezig met een beklimming van de Großglockner, een Alpentopp van 3800 meter hoog. Het Openbaar Ministerie vervolgt P. omdat hij zijn partner op grote hoogte achterliet in een hulpeloze situatie.
In een emotionele verklaring voor de rechtbank legde P. uit waarom hij zijn vriendin verliet. Hij hield van Kerstin en wilde absoluut niet dat haar iets zou overkomen, vertelde de bergbeklimmer. Het Openbaar Ministerie stelt echter dat hij zijn partner in een wanhopige toestand achterliet: zonder kracht, sterk afgekoeld en in de war. Ze bevonden zich op dat moment op een levensgevaarlijke hoogte.
Het tweetal was slechts 50 meter van de top verwijderd toen het drama zich voltrok. P. vertelde dat de situatie volledig uit de hand liep. Kerstin had alle energie verloren, dus bond hij haar met een touw vast aan een rotsblok en begon toen aan de afdaling. Op de vraag waarom hij geen reddingsdiensten inschakelde, antwoordde hij dat het echt een uitzonderlijke situatie was.
Later besloot P. alsnog terug te gaan om zijn vriendin te helpen. Toen hij bij haar terugkwam, riep Kerstin volgens zijn verklaring dat hij alleen naar beneden moest gaan om zijn eigen leven te redden. Het lichaam van de vrouw werd de volgende ochtend na zonsopgang gevonden.
Het Openbaar Ministerie ziet P. als de meest ervaren klimmer van het tweetal. Daarom fungeerde hij feitelijk als gids tijdens de tocht en droeg hij de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van beiden. Volgens de aanklagers ging het mis door gebrekkige voorbereiding, ontoereikende uitrusting en de verkeerde beslissing om door te gaan ondanks slecht weer.
Die dag stond er een harde wind met rukwinden tot 74 kilometer per uur. P. verklaarde dat er beneden bij het begin van de klim vrijwel geen wind stond. Het was onmogelijk om te voorspellen hoe hard het hoger op de berg zou waaien, aldus de verdachte. Ook betwist hij dat hij de leiding had tijdens de beklimming. De planning deden ze altijd samen en alle beslissingen namen ze gezamenlijk, zegt hij.
Tijdens de rechtszaak werd een brief voorgelezen van Kerstins ouders. Zij leggen de schuld niet bij P. Hun dochter nam altijd verantwoordelijkheid voor haar eigen keuzes en daarom kunnen zij haar vriend daar niet op aanspreken, schrijven de ouders.
Bij een veroordeling riskeert P. een gevangenisstraf van maximaal drie jaar. De rechter die de zaak behandelt is gespecialiseerd in rechtszaken rondom ongevallen in de bergen. Volgens The Guardian kan deze zaak internationaal een belangrijk precedent vormen voor de vraag wie verantwoordelijk is bij ongelukken tijdens bergsport.

