Bijna 1700 politiemedewerkers hebben mogelijk zonder geldige reden interne systemen geraadpleegd om informatie te bekijken over de gewelddadige dood van de 17-jarige Lisa uit Abcoude.
De politie spreekt van een ernstige kwestie en stuurt de betrokken medewerkers een officiële brief, waarin zij worden gewezen op de regels rond het gebruik van vertrouwelijke politie-informatie.
De zaak kwam aan het rollen na een melding, waarna het Landelijk Team Interne Onderzoeken (LTIO) maandenlang onderzoek deed naar het gebruik van politiesystemen rondom het overlijden van het meisje. Lisa werd in augustus vorig jaar om het leven gebracht toen zij na een avond uitgaan in Amsterdam op de fiets onderweg was naar huis. De zaak maakte landelijk veel indruk.
Uit het interne onderzoek blijkt dat politiemedewerkers verspreid over het hele land in de systemen zochten naar gegevens over het onderzoek, terwijl zij – voor zover nu bekend – geen rol speelden in het opsporingsonderzoek. Volgens plaatsvervangend korpschef Wilbert Paulissen bestaat het sterke vermoeden dat het merendeel van deze raadplegingen geen functioneel doel had. Daarmee zouden de betrokken medewerkers in strijd hebben gehandeld met de regels.
De geraadpleegde systemen bevatten geen volledige onderzoeksdossiers, maar wel gevoelige informatie. Het gaat onder meer om meldkamerberichten, eerste bevindingen van agenten ter plaatse en de eerste stappen in het onderzoek. Juist dit soort informatie is strikt bedoeld voor medewerkers die direct bij een zaak betrokken zijn.
De bijna 1700 medewerkers ontvangen een brief van hun eenheidschef of directeur. Daarin worden zij uitgenodigd om met hun leidinggevende in gesprek te gaan. Tijdens dat gesprek kunnen zij uitleg geven over de reden waarom zij het dossier hebben bekeken. De politie benadrukt dat zorgvuldig zal worden beoordeeld of sprake is geweest van plichtsverzuim.
Binnen het korps wordt de kwestie gezien als een serieuze aantasting van het vertrouwen dat burgers in de politie moeten kunnen hebben. De organisatie beschikt over grote hoeveelheden vertrouwelijke informatie, die noodzakelijk is voor het politiewerk. Tegelijkertijd geldt dat toegang tot systemen niet automatisch betekent dat alle informatie vrij bekeken mag worden. Alleen wanneer het strikt noodzakelijk is voor de uitvoering van het werk, is raadpleging toegestaan.
De zaak wordt formeel aangemerkt als een datalek. De Autoriteit Persoonsgegevens is daarom geïnformeerd. Ook de ouders van Lisa zijn via hun advocaat op de hoogte gebracht van de bevindingen. Namens het korps zijn excuses aan hen overgebracht.
Naar aanleiding van het onderzoek bekijkt de politie of aanvullende maatregelen nodig zijn om misbruik van systemen te voorkomen. Bestaande controles, zoals autorisatiebeleid en verplichte trainingen, worden tegen het licht gehouden. Het korps onderzoekt of extra beveiligingsmaatregelen of strengere toezichtmechanismen noodzakelijk zijn om herhaling te voorkomen.
De interne kwestie werpt een schaduw over een zaak die al diepe sporen naliet in de samenleving. Terwijl het strafrechtelijk onderzoek naar de dood van Lisa eerder al grote impact had, zorgt nu ook het ongeoorloofd raadplegen van haar dossier voor nieuwe onrust binnen en buiten het korps.

