Drie jonge mannen zijn door de rechtbank veroordeeld voor een gewelddadige ontvoering en beroving die begon met een bericht via Snapchat en eindigde met een getraumatiseerd slachtoffer dat op een dijk werd achtergelaten.
De hoofdverdachte, een 23-jarige man uit Dodewaard, kreeg een gevangenisstraf van vier jaar, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Twee jongere medeverdachten uit Dodewaard (18) en Nijmegen (19) zijn volgens het jeugdstrafrecht bestraft met grotendeels voorwaardelijke jeugddetentie en een taakstraf van 200 uur.
Het slachtoffer werd online benaderd en langzaam in vertrouwen genomen. Op 14 maart 2025 werd hij onder het mom van een afspraak naar Hemmen gelokt. Daar wachtten de drie hem op. Onder dreiging van onder meer een vuurwapen en een boksbeugel werd hij vastgegrepen en in zijn eigen auto gezet. Hij moest achterin plaatsnemen en zijn autosleutels afstaan, waarna de mannen met hem wegreden.
Tijdens de rit werd het slachtoffer gedwongen zijn telefoon en bankpas af te geven. Een pistool werd op hem gericht terwijl hij via gezichtsherkenning zijn toestel moest ontgrendelen en de toegangscode van zijn bankapp moest prijsgeven. Omdat er een daglimiet op zijn rekening stond, besloten de daders hem vast te houden totdat dat limiet verhoogd kon worden. Onderweg werd al 5.000 euro gepind en getankt met zijn pas.
De man werd met tie-wraps vastgebonden en geblinddoekt. In de woning van de 23-jarige verdachte werd hij opgesloten in een bijkeuken. De volgende ochtend werd nog eens 25.000 euro van zijn rekening gehaald. Daarna werd hij met een nekkraag over zijn ogen in zijn eigen auto ergens op een dijk achtergelaten.
De rechtbank rekent het de daders zwaar aan dat zij het slachtoffer doelbewust hebben misleid en vervolgens langdurig hebben vastgehouden om geld buit te maken. De psychische gevolgen zijn groot. Het slachtoffer kampt met een posttraumatische stressstoornis en een depressie en is volledig arbeidsongeschikt geraakt.
Volgens de rechtbank had de 23-jarige verdachte een leidende rol. Hij legde het eerste contact, smeedde het plan en bepaalde tijdens de uitvoering de koers. Ook regelde hij de wapens en besliste hij over de verdeling van de buit. In zijn woning werd bovendien een vuurwapen aangetroffen in een keukenkastje, terwijl daar ook zijn tweejarige zoontje verbleef. Omdat hij tijdens het misdrijf nog in een proeftijd liep, moet hij daarnaast een eerder voorwaardelijk opgelegde straf van drie maanden alsnog uitzitten.
De 19-jarige verdachte werd volgens de rechtbank geronseld en zag een kans om eigen schulden te vereffenen. Hij wist vooraf van het plan en speelde tijdens de uitvoering een actieve rol. Toch kiest de rechtbank bij hem voor een pedagogische aanpak. Hij krijgt 540 dagen jeugddetentie, waarvan 501 dagen voorwaardelijk, plus een taakstraf.
De 18-jarige verdachte stapte later in het plan en zou aanvankelijk alleen ondersteunen bij het rijden langs pinautomaten. Uiteindelijk deed ook hij actief mee. Omdat hij spijt heeft betuigd en volgens de rechtbank positieve stappen heeft gezet, krijgt hij 365 dagen jeugddetentie, waarvan 348 dagen voorwaardelijk, eveneens met een taakstraf.
De twee jongste verdachten hebben ieder een derde van de schade aan het slachtoffer vergoed. De 23-jarige moet nog ruim 15.000 euro betalen. Een vierde betrokkene, de broer van de hoofdverdachte, verschijnt op een later moment voor de rechter.

