Het aantal ontdekte cocaïnelabs is in 2025 gestegen met 42 procent terwijl het totale aantal drugslabs daalde.
Van de 142 aangetroffen drugsproductielocaties lag 64 procent in woonwijken – een zorgwekkende toename. Criminelen voeren steeds vaker gevaarlijke chemische processen uit middenin dichtbevolkt gebied, zoals bleek in maart toen een methamfetaminebrand in Heemstede vijftig mensen deed evacueren.
Voor het eerst in vijf jaar tijd daalde het totale aantal ontdekte drugslabs, van 167 in 2024 naar 142 in 2025. De daling betreft vooral Zuid-Holland (van 51 naar 37), Noord-Brabant (van 38 naar 24) en Limburg (van 18 naar 10). Noord-Holland en Friesland zagen juist een stijging.
Het aantal labs in woonwijken steeg procentueel fors. In 2024 bevond 58 procent zich in woonwijken, in 2025 was dat 64 procent. Paul Entken, portefeuillehouder drugs, licht toe waarom dit zo’n probleem is: “In dichtbevolkte omgevingen worden productieprocessen uitgevoerd in woningen en appartementen, wat leidt tot gevaarlijke situaties.”
Het incident in Heemstede illustreert de risico’s. In maart 2025 moest een heel wooncomplex worden ontruimd nadat een hevige brand ontstond in een appartement. Vijftig mensen werden geëvacueerd, waaronder bewoners van een woonzorgcentrum. Onderzoek wees uit dat de brand ontstond tijdens de productie van methamfetamine.
De stijging van cocaïnelocaties is opvallend: van 24 in 2024 naar 34 in 2025, een toename van ongeveer 42 procent. De meeste bevonden zich in Zuid-Holland met 13 en Noord-Holland met 8. Het merendeel werd aangetroffen in woningen en appartementen waar cocaïne wordt versneden, geperst in kiloblokken of door middel van een chemisch proces uit dragermateriaal wordt gehaald.
“Deze stijging laat zien dat criminele organisaties blijven improviseren om detectie aan de grens te voorkomen en cocaïne te bemachtigen,” verklaart Entken. “Deze drugscriminelen hebben geen enkele boodschap aan de risico’s die ze veroorzaken door zo’n chemisch proces uit te voeren, met gebruik van vaak licht ontvlambare oplosmiddelen, middenin dichtbevolkt gebied.”
Op 17 locaties werd heroïne bewerkt, allemaal versnijdingslocaties of plekken waar blokken werden geperst. Op drie locaties werd naast heroïne ook cocaïne versneden. Op basis hiervan bestaat het vermoeden dat heroïne vooral wordt geïmporteerd en niet geproduceerd in Nederland. De heroïnebewerking concentreert zich in Rotterdam waar 14 van de 17 locaties werden ontdekt.
De politie ontmantelde 88 locaties voor synthetische drugs zoals MDMA, methamfetamine en amfetamine – een daling van bijna 23 procent ten opzichte van 2024. Dit komt waarschijnlijk doordat China in september 2024 wetgeving aanscherpte ten aanzien van designerprecursoren, waardoor geen grondstoffen voor deze drugs konden worden geleverd.
Een andere verklaring ligt in het feit dat andere Europese landen zoals België, Duitsland en Spanje juist een stijging zien van synthetische drugslabs. Bij deze productielocaties zijn veelal Nederlandse drugscriminelen betrokken of bestaat vermoeden van Nederlandse inmenging en aansturing – de productie verplaatst zich over de grens.
Het aantal drugsafvaldumpingen daalde fors van 217 in 2024 naar 117 in 2025, een afname van ongeveer 46 procent. Noord-Brabant had de meeste dumpingen met 34, gevolgd door Noord-Holland, Limburg en Zuid-Holland met elk 16 tot 17. De daling houdt waarschijnlijk verband met minder drugslabs en het feit dat afval vaker wordt opgeslagen op productielocaties zelf.

