De Colombiaanse president Gustavo Petro is eerder deze week op het laatste moment uitgeweken nadat er signalen waren binnengekomen over een mogelijke aanslag op zijn leven.
Een geplande landing van zijn presidentiële helikopter op een geheime locatie werd afgeblazen uit angst voor beschietingen.
Volgens Petro week zijn beveiligingsteam uit nadat concrete dreiging was vastgesteld. De president verklaarde dat zijn toestel vervolgens urenlang boven open zee heeft gevlogen. Pas na ongeveer vier uur werd besloten om op een alternatieve locatie te landen.
Petro zegt dat hij al geruime tijd doelwit is van criminele netwerken die hun macht ontlenen aan de drugshandel. In de aanloop naar de presidentsverkiezingen van 31 mei zou de druk vanuit deze groepen zijn toegenomen. Het land kent een lange geschiedenis van geweld door drugsbendes en gewapende groeperingen, en in verkiezingstijd laait dat geweld vaker op.
Tijdens een kabinetsbijeenkomst bracht de president ook naar buiten dat een inheemse senator is ontvoerd. Volgens hem zitten dissidenten van de voormalige guerrillabeweging FARC achter de ontvoering. Petro eiste haar onmiddellijke vrijlating en waarschuwde dat het anders moet worden opgevat als een “oorlogsverklaring tegen inheemse volkeren en Colombia”.
De Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (FARC) legden in 2016 officieel de wapens neer na een vredesakkoord met de regering. Toch zijn er nog altijd afgesplitste groepen actief die zich niet aan dat akkoord houden en betrokken zijn bij geweld, ontvoeringen en drugshandel.
De 65-jarige Petro, zelf oud-guerrillastrijder en sinds 2022 president, mag zich volgens de Colombiaanse grondwet niet opnieuw kandidaat stellen. De verkiezingen eind mei bepalen wie hem zal opvolgen in een politiek klimaat dat opnieuw wordt gekenmerkt door dreiging, spanningen en gewelddadige incidenten.

