Het coldcaseonderzoek naar de moord op de Hongaarse sekswerker Betty Szabó heeft na vijftien jaar een belangrijke doorbraak opgeleverd.
Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) heeft twee DNA-matches gevonden die mogelijk leiden naar betrokkenen bij de zaak. De politie hoopt de identiteiten van deze personen binnenkort te kunnen vaststellen en roept hen op zich vrijwillig te melden.
Betty Szabó werd in 2009 met tientallen messteken om het leven gebracht in een bordeel aan de Oudezijds Achterburgwal in Amsterdam. De toen 35-jarige vrouw werd gevonden in haar werkruimte; ondanks uitgebreid onderzoek bleef de zaak jarenlang onopgelost. Dankzij nieuwe DNA-technieken is het nu gelukt om sporen die destijds zijn veiliggesteld te koppelen aan twee personen.
Volgens de politie gaat het vermoedelijk om klanten van Szabó die in de nacht van de moord aanwezig waren. Ook andere bezoekers van die avond worden dringend verzocht zich te melden. Naast de DNA-sporen onderzoekt de politie ook een schoenafdruk waarin bloed van het slachtoffer is aangetroffen. Beelden van die afdruk zullen binnenkort worden gedeeld in de hoop op nieuwe informatie.
Het onderzoeksteam zoekt daarnaast actief naar een man met de naam ‘Simon’, die destijds in hetzelfde pand werkte en een belangrijke getuige kan zijn. Hij heeft zowel de Indonesische als de Nederlandse nationaliteit en is sindsdien spoorloos verdwenen.
De zaak kwam eind 2024 opnieuw in de belangstelling door de plaatsing van een hologram van Betty Szabó op de Wallen. Die actie leverde tientallen nieuwe tips op, waarvan sommige inmiddels zijn meegenomen in het lopende onderzoek. De politie spreekt van een kansrijke fase in de zoektocht naar de dader of daders.


