Een 40-jarige man uit Enschede hoorde vandaag het Openbaar Ministerie tien jaar cel tegen zich eisen voor doodslag.
Hij stak op 19 augustus vorig jaar een man neer tijdens wat vermoedelijk een drugsruzie was, en ging daarna binnen een uur alweer door met zijn handel. Het slachtoffer stierf na een wanhopige wandeling van honderden meters door de wijk Stadsveld.
Die ochtend kort voor half acht schrokken bewoners van de Akkerstraat wakker van een heftig incident. Het slachtoffer werd uiteindelijk levenloos aangetroffen in een bloemenperk, ondanks de snelle komst van hulpdiensten. Later die dag viel de politie een woning binnen elders in de stad waar de verdachte werd gearresteerd.
Wat exact de aanleiding was voor het geweld blijft gedeeltelijk onduidelijk, maar volgens de officier van justitie wijst alles erop dat er een conflict was over drugs. Beveiligingscamera’s leggen de fatale confrontatie gedetailleerd vast. Te zien is hoe de Enschedeër zijn latere slachtoffer uit een auto sleurt. In zijn hand heeft hij al een mes. Nog geen minuut later ligt het slachtoffer op straat, twee keer in de rug gestoken.
Wat het OM bijzonder kwalijk neemt is dat de verdachte na de steekpartij geen enkele hulp verleende. Sterker nog, binnen een uur had hij alweer contact met een nieuwe klant om drugs te leveren. Het slachtoffer liet intussen een bloedspoor van honderden meters achter terwijl hij meer dan tien minuten lang wanhopig door de straat liep op zoek naar hulp.
De verdachte claimt dat hij uit zelfverdediging handelde vanuit angst en paniek. Bij het slachtoffer werd inderdaad een vuurwapen aangetroffen. Toch verwerpt het OM dit verweer na grondige analyse van de camerabeelden. Nergens is te zien dat het slachtoffer dreigend gedrag vertoont of een wapen trekt. Het enige wat aan de eerste steek voorafgaat is een duw van het slachtoffer, terwijl deze achteruit loopt en de verdachte juist meerdere stekende bewegingen maakt.
Er was geen sprake van direct dreigend gevaar voor de verdachte op het moment van de steekpartij, concludeert het OM. De beelden ondersteunen zijn lezing niet, integendeel, ze spreken zijn verhaal tegen. Juridisch gezien is er geen sprake van noodweer, waardoor de man volledig verantwoordelijk is voor de dood van zijn slachtoffer.
Bij het bepalen van de strafeis hield het OM wel rekening met verzachtende omstandigheden. De verdachte heeft geen eerder strafblad van vergelijkbare feiten. Er lijkt geen langdurig conflict te hebben gespeeld en zijn betuigde spijt tijdens het proces wordt als positief gezien.
Dat neemt volgens het OM niet weg dat hij iemand van het leven heeft beroofd zonder rechtvaardiging. Door hem te doden heeft de verdachte het slachtoffer zijn meest waardevolle bezit afgenomen, met verstrekkende gevolgen voor nabestaanden en een geschokte samenleving.

