Een van de beroemdste musea ter wereld, de Uffizi, is zwaar getroffen door een cyberaanval waarbij hackers diep doordrongen in de digitale infrastructuur en gevoelige beveiligingsinformatie buitmaakten.
De aanval vond al plaats tussen eind januari en begin februari, maar werd pas twee maanden later naar buiten gebracht.
Uit onderzoek blijkt dat de aanvallers toegang kregen tot uiterst gevoelige systemen. Zo konden zij beschikken over wachtwoorden, toegangscodes, camerastandpunten en zelfs de volledige opzet van alarmsystemen en plattegronden van het museum. Daarmee lag in feite de volledige beveiligingsarchitectuur van het museum op straat.
Naast deze kritieke gegevens werd ook een deel van het digitale archief buitgemaakt. Daarbij zijn gedigitaliseerde kunstwerken en documenten verloren gegaan, wat niet alleen een beveiligingsprobleem vormt maar ook een cultureel verlies betekent.
De impact van de aanval is groot. Delen van het museum zijn uit voorzorg gesloten en kunstwerken uit risicogebieden zijn ondergebracht in een zwaar beveiligde kluis van de centrale bank. Volgens de museumleiding zijn er geen fysieke kunstwerken gestolen, maar de dreiging blijft aanzienlijk zolang de gestolen data in handen van criminelen is.
De hackers hebben inmiddels contact gezocht met de directie en eisen losgeld. Hoeveel er wordt gevraagd, is niet bekendgemaakt. Wel dreigen de daders de buitgemaakte informatie te verkopen op het darkweb als er niet wordt betaald.
De zaak roept parallellen op met eerdere incidenten in de kunstwereld, waarbij niet alleen fysieke kunst maar ook digitale en logistieke informatie doelwit wordt van criminelen. Cyberaanvallen op musea nemen de laatste jaren toe, waarbij instellingen niet alleen financieel worden geraakt, maar ook kwetsbaar worden voor mogelijke toekomstige inbraken of sabotage.
De autoriteiten onderzoeken de aanval, maar het is nog onduidelijk wie er achter zit en of de gestolen gegevens al zijn verspreid.

