Een 66-jarige voormalige invalkracht bij meerdere kinderdagverblijven wordt verdacht van misbruik van veertien kinderen.
Het Openbaar Ministerie heeft het strafrechtelijk onderzoek naar Jan B. afgerond en de zaak is inmiddels uitgebreid met meerdere verdenkingen.
B. werkte als invalkracht bij verschillende kinderopvanglocaties, waaronder een kinderdagverblijf in Amsterdam.
De voormalig gemeenteraadslid uit Almere wordt door justitie verdacht van meerdere ernstige strafbare feiten die betrekking hebben op kinderen.
Volgens het OM gaat het onder meer om een verdenking van seksueel misbruik van een tweejarig meisje en een 13-jarige jongen. Ook wordt B. verdacht van het vervaardigen van verboden beeldmateriaal en het bezit van ander strafbaar materiaal.
De verdenkingen kwamen aan het licht nadat de vader van een tweejarig meisje in november vorig jaar aangifte deed. Volgens justitie zou het vermeende incident hebben plaatsgevonden op de eerste werkdag van B. bij een kinderopvanglocatie. Later kwamen er volgens het OM nog twintig meldingen over de man binnen.
Tijdens een eerdere doorzoeking van de woning van B. werden volgens justitie verschillende goederen aangetroffen die onderdeel zijn van het onderzoek. De verdachte wordt binnenkort onderzocht in het Pieter Baan Centrum.
Dat onderzoek moet meer duidelijkheid geven over zijn psychische gesteldheid en kan naar verwachting rond half oktober starten.
De inhoudelijke behandeling van de strafzaak staat voorlopig gepland voor de tweede helft van 2027.
De zaak kreeg extra aandacht omdat B. eerder al buiten functie was gesteld bij een kinderopvang in Huizen na meldingen over mogelijk ongepast gedrag. Omdat er destijds geen strafrechtelijk onderzoek liep, bleef zijn Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) geldig.
De rechtbank moet uiteindelijk beoordelen of de verdenkingen bewezen kunnen worden. Tot die tijd geldt dat B. wordt verdacht en niet is veroordeeld.

