De rechtbank Noord-Holland heeft twee jongeren veroordeeld voor hun rol bij een poging tot doodslag en een gewelddadige beroving in Hoorn.
De feiten dateren uit september 2023, toen de verdachten 16 en 17 jaar oud waren. Ondanks de ernst van het geweld hoeven zij niet terug naar de jeugdgevangenis.
De rechtbank kiest voor taakstraffen, een forse schadevergoeding en een voorwaardelijke jeugddetentie als laatste waarschuwing.
Het zwaarste feit speelde zich af op station Kersenboogerd, waar een vermoedelijke drugsdeal volledig uit de hand liep. Op klaarlichte dag werd het slachtoffer van dichtbij beschoten en daarna ook nog mishandeld terwijl hij op de grond lag. De gevolgen zijn blijvend: de kogel zit nog altijd in zijn lever en kan niet worden verwijderd zonder grote medische risico’s. Daarnaast maakten de twee jongeren zich schuldig aan een beroving waarbij zij via Snapchat een afspraak maakten met twee slachtoffers om vapes en sigaretten te kopen, om hen vervolgens onder geweld te beroven.
De rechtbank rekent het de verdachten zwaar aan dat alle misdrijven in het openbaar plaatsvonden. De schietpartij gebeurde midden op een treinstation, vlak bij woningen en een supermarkt. Ook stelt de rechtbank vast dat de jongeren berekend te werk zijn gegaan door hun slachtoffers doelbewust naar een afgesproken plek te lokken.
Beide verdachten zaten na hun arrestatie ongeveer vier maanden in voorlopige hechtenis. In de periode daarna zijn zij onderzocht door een psycholoog en begeleid door de jeugdreclassering. Ze droegen geruime tijd een enkelband en kregen behandeling geadviseerd. Volgens de rechtbank hebben beide jongeren sindsdien een duidelijke positieve ontwikkeling doorgemaakt.
Voor de jongste verdachte weegt die ontwikkeling zwaar mee. De rechtbank acht het risico groot dat die vooruitgang verloren gaat als hij opnieuw vast komt te zitten. Hij krijgt daarom, naast de 113 dagen die hij al heeft uitgezeten, een voorwaardelijke jeugddetentie van 120 dagen en een taakstraf van 160 uur. De oudste verdachte had al een eerdere jeugddetentie achter de rug en liep nog in een proeftijd. Ook bij hem ziet de rechtbank voldoende aanleiding om hem nog één kans te geven. Hij krijgt, bovenop de 131 dagen die hij al vastzat, 60 dagen voorwaardelijke jeugddetentie en een taakstraf van 100 uur.
Bij het bepalen van de straffen heeft de rechtbank ook rekening gehouden met het lange tijdsverloop voordat de zaak inhoudelijk werd behandeld. Beide jongeren moeten gezamenlijk ongeveer 16.500 euro aan schadevergoeding betalen aan de slachtoffers. De voorwaardelijke celstraffen gelden daarbij nadrukkelijk als stok achter de deur.

