De overgebleven juwelen van het Louvre zijn na de spectaculaire inbraak van afgelopen weekend in allerijl overgebracht naar de kluis van de Banque de France.
De overdracht vond donderdag plaats in het grootste geheim en onder zware beveiliging. Zowel het Parijse museum als de nationale bank weigeren inhoudelijke details te geven over de operatie.
Volgens bronnen die anoniem willen blijven, blijven de kostbare stukken in de bankkluis bewaard totdat de beveiliging van het museum is verbeterd. Het gaat om juwelen uit de getroffen Apollogalerie en enkele andere collecties van het Louvre.
De inbraak zelf vond vorige week zondag plaats. De daders sloegen in slechts vier minuten tijd meerdere vitrines in en gingen er vandoor met sieraden ter waarde van ongeveer 88 miljoen euro.
De buit bestond uit kostbaarheden uit de nalatenschap van de Franse keizersfamilie, waaronder een diadeem met saffieren, oorbellen, een collier van smaragd en een diamanten broche.
Tijdens hun vlucht verloren de inbrekers de kroon van keizerin Eugénie, de echtgenote van Napoleon III. Het kostbare stuk werd later teruggevonden, maar bleek beschadigd. De criminelen wisten het museum binnen te dringen via een raam dat buiten het bereik van de beveiligingscamera’s lag.
De roof leidde wereldwijd tot verbazing over de gebrekkige beveiliging van een van de bekendste musea ter wereld. Om verdere risico’s uit te sluiten, zijn de resterende juwelen tijdelijk veiliggesteld in de zwaar bewaakte kluizen van de Banque de France, op slechts enkele honderden meters afstand van het Louvre.

