Een 31-jarige Nederlander is begin oktober op Bali gearresteerd nadat de politie in zijn woning een professioneel ingerichte wietplantage had ontdekt.
De inval vond plaats in de wijk Ubung Kaja in Denpasar, waar de man samen met zijn 33-jarige Russische echtgenote verbleef. Zij wordt voorlopig als getuige beschouwd, maar de politie onderzoekt nog of zij wist van de illegale teelt of daaraan heeft meegewerkt.
De politie trof in het huis tientallen wietplanten aan die werden gekweekt met een zogenoemd hydroponisch systeem — een methode waarbij planten zonder aarde groeien, met behulp van voedingsstoffen in water. De volledige woning bleek te zijn ingericht als kwekerij, voorzien van professionele verlichting, koeling, irrigatie en camerabewaking. Volgens de lokale autoriteiten ging het om een “zeer goed georganiseerde operatie”, vermoedelijk onderdeel van een groter netwerk.
De arrestatie volgde na meerdere tips van buurtbewoners, waarna de politie het huis enkele weken observeerde. Tijdens een persconferentie werd de Nederlander, zoals gebruikelijk bij grote drugszaken in Indonesië, met geboeide handen en een bivakmuts aan de aanwezige media getoond.
De man riskeert extreem zware straffen. Indonesië kent een van de strengste drugswetten ter wereld. Zelfs het bezit van kleine hoeveelheden softdrugs kan al leiden tot jarenlange celstraffen. De teelt of productie van verdovende middelen valt onder de zogeheten Narcotics Law, waarin voor grootschalige handel of productie de doodstraf is opgenomen. Buitenlanders worden daarbij niet anders behandeld dan Indonesische onderdanen.
In vergelijkbare zaken zijn eerder buitenlanders ter dood veroordeeld of tot levenslang veroordeeld. De Indonesische autoriteiten zien wietteelt niet als een ‘lichtere’ overtreding, maar als een ernstige drugsdelict onder dezelfde wetgeving als cocaïne of heroïne. Rechters hebben in het verleden meermaals aangegeven dat zij strenge straffen noodzakelijk achten om buitenlanders te ontmoedigen zich met drugshandel in te laten.
Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken bevestigt dat het op de hoogte is van de aanhouding en consulaire hulp verleent aan de verdachte. Juridische bijstand valt daar niet onder. Volgens een woordvoerder van Buitenlandse Zaken is het aan de lokale autoriteiten om de rechtsgang te bepalen.
Bali ziet de laatste jaren een duidelijke toename van drugszaken met buitenlanders, waaronder ook meerdere Nederlanders. De lokale politie voert regelmatig invallen uit in toeristische gebieden, waarbij vaak streng wordt opgetreden. De autoriteiten benadrukken dat buitenlanders die zich met drugs inlaten “niet op medelijden hoeven te rekenen”. De zaak van de Nederlander zal de komende weken verder worden onderzocht, waarna het Openbaar Ministerie op Bali beslist over vervolging.

