Het Openbaar Ministerie heeft een gevangenisstraf van twaalf jaar geëist tegen een 66-jarige man uit Rotterdam die jarenlang werkzaam was als analist bij de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid.
Volgens justitie gaat het om de grootste spionagezaak die Nederland ooit heeft gekend. De man wordt ervan verdacht op grote schaal staatsgeheime informatie te hebben verzameld en doorgespeeld aan de Marokkaanse inlichtingendienst, waarmee hij de veiligheid van de Nederlandse staat ernstig zou hebben ondermijnd.
De zaak kwam aan het licht in oktober 2023, toen de verdachte op Schiphol werd aangehouden terwijl hij op het punt stond een vlucht naar Casablanca te nemen. Bij hem werden meerdere gegevensdragers aangetroffen met daarop honderden vertrouwelijke documenten die over een periode van zestien jaar waren opgesteld. Het ging om informatie die uitsluitend binnen de muren van de NCTV mocht worden gebruikt en nooit buiten het gebouw had mogen belanden.
Ook bij doorzoekingen in zijn woning stuitte de Rijksrecherche op een enorme hoeveelheid gevoelige stukken. In verschillende kamers lagen documenten verspreid, variërend van recent materiaal tot oudere dossiers. Het merendeel daarvan bleek als staatsgeheim te zijn aangemerkt. Volgens het OM was de schaal waarop de documenten thuis lagen opgeslagen schokkend en ongekend.
Tijdens de inhoudelijke behandeling van de zaak schetste het OM een structurele werkwijze. De verdachte zou op zijn werk vertrouwelijke informatie hebben uitgeprint, later ook met behulp van de toegangspas van een collega. Thuis werden de documenten gedigitaliseerd en opgeslagen, waarna hij regelmatig naar Marokko reisde. Justitie stelt dat hij daar contact onderhield met personen die gelinkt worden aan de Marokkaanse geheime dienst, onder wie een hoge functionaris binnen de contra-inlichtingen.
In het strafdossier zijn meerdere reizen in 2023 gedetailleerd beschreven. Rond die bezoeken was er intensief contact met dezelfde buitenlandse relaties. Volgens het OM werden vluchten geregeld en betaald door derden en werden ook praktische zaken voor familieleden van de verdachte verzorgd. Opvallend is dat er nauwelijks persoonlijke uitgaven van de man zijn vastgelegd tijdens deze reizen.
De verdachte zelf heeft lange tijd gezwegen en kwam pas later met een alternatieve lezing. Hij verklaarde dat hij de documenten thuis bewaarde omdat hij continu met zijn werk bezig was en regelmatig buiten kantooruren werkte. De aanwezigheid van de stukken op Schiphol zou op een vergissing berusten. De contacten in Marokko zouden volgens hem privé van aard zijn. Het OM stelt echter dat deze uitleg niet strookt met het patroon dat uit het onderzoek naar voren komt en juist past bij de werkwijze van buitenlandse inlichtingendiensten.
Over de exacte inhoud van de gelekte informatie kan justitie geen details geven. Wel is vastgesteld dat het om zwaar gerubriceerd materiaal ging. Volgens de AIVD kan het uitlekken van dergelijke informatie grote schade veroorzaken aan vitale staatsbelangen, omdat het inzicht geeft in actuele dreigingsbeelden en werkwijzen van de overheid.
Dat de verdachte een ervaren en vertrouwde rijksambtenaar was, weegt voor het OM zwaar. Juist van iemand in die positie mocht absolute loyaliteit worden verwacht. Gezien de ernst, de duur en de omvang van de zaak acht justitie een langdurige gevangenisstraf onvermijdelijk. De strafzaak wordt later deze week voortgezet met het betoog van de verdediging.

