Het Openbaar Ministerie heeft vandaag vier jaar gevangenisstraf geëist tegen een 20-jarige man uit Amsterdam.
De verdachte zou onder meer het vuurwapen hebben geleverd aan de man die later drie mensen doodschoot in Rotterdam-IJsselmonde. Ook wordt hij verdacht van het bezit van een vuurwapen en het importeren van tientallen alarmpistolen uit Estland.
De levering vond plaats op 20 november, via een afspraak die was gemaakt op Snapchat. Volgens het OM is dit geen eenmalige actie geweest: de Amsterdammer zou vaker alarmpistolen uit het buitenland hebben gehaald, deze hebben omgebouwd tot echte vuurwapens en verkocht met een winst van enkele honderden euro’s per stuk.
Een belangrijk punt tijdens de zitting was de vraag of de verdachte medeplichtig kan worden gesteld aan de moorden. Tijdens de chat voorafgaand aan de wapenverkoop schreef de latere schutter: “Zolang ik er maar mee dood krijg.” Toch acht het OM dit onvoldoende om aan te tonen dat de verdachte wist van de moordplannen. De twee hadden nooit eerder contact met elkaar gehad en kenden elkaar niet. Voor een bewezen medeplichtigheid is vereist dat de verkoper in grote lijnen op de hoogte was van het criminele plan, en daar is volgens het OM geen sprake van.
Wel vindt het OM dat de man zich opnieuw schuldig heeft gemaakt aan wapenhandel, ondanks een eerdere veroordeling in Duitsland in 2022. Hij zou recent opnieuw 28 gaspistolen hebben ingevoerd vanuit Estland. Toch vraagt het OM vrijspraak voor het daadwerkelijk ombouwen, testen en verkopen van de wapens, omdat hiervoor onvoldoende bewijs is. Voor het bezit van omgebouwde wapens wil het OM wel een veroordeling.
De officier van justitie benadrukte tijdens de zitting de ernst van de zaak: “Deze zaak laat zien hoe eenvoudig het is om via sociale media aan een vuurwapen te komen, en hoe desastreus de gevolgen kunnen zijn. De verdachte heeft willens en wetens een wapen verkocht aan iemand die hij niet kende, met alle gevolgen van dien.”

