De politie Utrecht heeft gereageerd op het ingrijpen na afloop van de wedstrijd tussen FC Utrecht en Feyenoord op zondag 8 februari.
Volgens de politie was het optreden van de Mobiele Eenheid noodzakelijk vanwege het gedrag van Feyenoord-supporters, die tijdens de uitstroom na de wedstrijd actief de confrontatie zochten met supporters van FC Utrecht.
Na het laatste fluitsignaal liepen de spanningen op op de parkeerplaats waar de Feyenoord-supporters zich bevonden. Volgens de politie probeerde een groep supporters uit te breken van deze locatie om de confrontatie aan te gaan met Utrecht-fans. Om verdere ongeregeldheden en mogelijke geweldsincidenten te voorkomen, werd de Mobiele Eenheid ingezet. Daarbij is gebruikgemaakt van wapenstok en pepperspray. Van dit optreden circuleren beelden op sociale media.
Johan van Hartskamp, sectorhoofd van de politie Utrecht, noemt het gedrag van de betrokken supporters onacceptabel. Hij stelt hevig verontwaardigd te zijn over de houding en het optreden van de Feyenoord-supporters tijdens de onrust na de wedstrijd. Volgens de politie was het ingrijpen erop gericht de openbare orde te herstellen en escalatie tussen rivaliserende supportersgroepen te voorkomen.
Inmiddels zijn de eerste aanhoudingen verricht. Deze hebben betrekking op opruiing en het opleggen van stadionverboden. De zogenoemde driehoek, bestaande uit politie, gemeente en justitie, gaat naar aanleiding van de gebeurtenissen in gesprek met de betrokken voetbalclubs.
De politie benadrukt dat elk gebruik van geweld zorgvuldig wordt beoordeeld en verantwoord. Agenten die geweld toepassen, zijn verplicht dit te melden bij de hulpofficier van justitie. Afhankelijk van de situatie wordt een mutatie of een formele registratie opgemaakt.
Bij een registratie beoordeelt de politiechef het optreden, op basis van advies van het sectorhoofd en de commissie geweldsaanwending. In deze commissie is onder meer een onafhankelijke burger vertegenwoordigd, benoemd door de minister van Justitie en Veiligheid.

