De rechtbank in Den Haag heeft vandaag een 27-jarige vrouw vrijgesproken van het toedienen van de zware pijnstiller Oxycodon aan haar elf maanden oude dochter.
De baby werd op 9 juli 2022 in het Juliana Kinderziekenhuis in Den Haag opgenomen, nadat Oxycodon in haar lichaam werd aangetroffen. De baby vertoonde een verminderd bewustzijn. De rechtbank kon echter niet vaststellen wanneer het middel in het lichaam van de baby is gekomen en of de verdachte het daadwerkelijk heeft toegediend.
Oxycodon in het lichaam van de baby
Volgens de tijdlijnen van de politie en een forensisch arts van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) kreeg de baby op 8 juli 2022 rond 19:00 uur haar laatste fles voordat ze naar bed ging. De volgende ochtend, rond 7:00 uur, kreeg de baby opnieuw een fles, maar ze dronk hier weinig van. De verdachte, haar toenmalige partner en hun zoontje van vier waren de enige aanwezigen in de woning. Omdat de baby slaperig en slecht reagerend was, besloot de verdachte een afspraak bij de huisartsenpost te maken. Daar werd geconcludeerd dat de baby alert was en naar huis mocht. De verdachte vertrouwde de situatie echter niet en besloot contact op te nemen met het ziekenhuis.
Tijdens de rit naar het ziekenhuis maakte ze een video van de baby waarop te zien was dat de baby niet reageerde op aanrakingen en geluiden. In het ziekenhuis werd geconstateerd dat de baby een verminderd bewustzijn had.
Veronderstelling van de officier van justitie
De officier van justitie stelde dat het goed mogelijk was dat de verdachte in de auto Oxycodon aan haar dochter heeft toegediend, tussen het bezoek aan de huisartsenpost en de aankomst in het ziekenhuis. De officier baseerde dit op het feit dat de baby bij de huisartsenpost nog alert was en dat Oxycodon ongeveer een uur nodig heeft om in te werken, zoals bleek uit het NFI-rapport. Ook werd aangevoerd dat de verschijnselen bij de baby om 14:22 uur door ziekenhuisartsen werden waargenomen, en dat in die tijd alleen de verdachte in de buurt van de baby was. Het Openbaar Ministerie eiste een celstraf van 36 maanden tegen de verdachte.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank stelde vast dat er naast Oxycodon ook benzoylecgonine, een omzettingsproduct van cocaïne, in het lichaam van de baby was aangetroffen. Het is echter niet duidelijk hoeveel van dit product de baby heeft binnengekregen. Het NFI gaf aan dat het mogelijk om een zeer kleine hoeveelheid ging, wat verklaard zou kunnen worden doordat de baby zich in een ruimte bevond waar cocaïne werd gebruikt of in contact kwam met iemand die cocaïne had gebruikt. De verdachte verklaarde dat haar ex-partner in de woning cocaïne gebruikte.
De rechtbank noemde de aanwezigheid van Oxycodon in het lichaam van de baby zorgelijk, aangezien deze zware pijnstiller niet bedoeld is voor gebruik bij kinderen. De kernvraag in de zaak was echter of het zonder twijfel vastgesteld kon worden dat de verdachte Oxycodon aan de baby had toegediend.
Onzekerheid over het tijdstip van toediening
De rechtbank oordeelde dat de rapporten van het NFI geen uitsluitsel gaven over het moment waarop de baby Oxycodon had binnengekregen. De rechtbank stelde dat er te weinig informatie was over de snelheid waarmee Oxycodon bij kinderen wordt opgenomen in het bloed om te concluderen dat de verdachte het middel in de auto had toegediend. Bovendien was het mogelijk dat de ex-partner van de verdachte of hun zoontje toegang hadden tot de Oxycodon en het middel aan de baby hadden toegediend. Ook werd niet uitgesloten dat de baby, die zelf al door het huis kon kruipen, zelf een pil van de Oxycodon had gevonden en ingenomen.
Vrijspraak van de verdachte
Vanwege de onduidelijkheid over het tijdstip van toediening en de mogelijkheden van andere betrokkenen, concludeerde de rechtbank dat niet bewezen kon worden dat de verdachte Oxycodon aan haar dochter had toegediend. De verdachte werd dan ook vrijgesproken van alle beschuldigingen.

