De Britse premier Keir Starmer raakt zijn chef-staf Morgan McSweeney kwijt na politieke onrust rond de benoeming van Peter Mandelson.
McSweeney heeft zijn functie neergelegd en zegt daarvoor zelf de volledige verantwoordelijkheid te dragen. Aanleiding is de groeiende affaire rond Mandelson, die vorig jaar werd aangesteld ondanks interne waarschuwingen over zijn verleden.
McSweeney bevestigt dat hij actief heeft geadviseerd om Mandelson te benoemen. Die keuze kwam de regering later duur te staan, toen bekend werd dat Mandelson nauwe contacten had onderhouden met Jeffrey Epstein. Naarmate meer details over die contacten naar buiten kwamen, nam de publieke en politieke druk op Starmer snel toe. Uiteindelijk besloot de premier Mandelson te ontslaan.
De zaak bleef daar niet bij. Mandelson wordt inmiddels ook verdacht van corruptie, wat de positie van de regering verder verzwakte. De combinatie van morele vragen rond zijn netwerk en mogelijke strafbare feiten leidde tot stevige kritiek vanuit zowel de oppositie als binnen de eigen partij van Starmer.
Met zijn vertrek probeert McSweeney de politieke schade te beperken. Hij stelt dat de verantwoordelijkheid voor de benoeming bij hem ligt en niet bij de premier. Starmer heeft het aftreden geaccepteerd en sprak bij het vertrek van McSweeney zijn waardering uit voor diens loyaliteit en leiderschap in de afgelopen periode.
De affaire heeft de regering-Starmer zichtbaar onder druk gezet en werpt opnieuw vragen op over screeningsprocedures bij topbenoemingen.
Het vertrek van de chef-staf markeert een poging om een streep te zetten onder een kwestie die het vertrouwen in de regeringsploeg ernstig heeft belast.

