Twee medewerkers van de Spaanse Guardia Civil die worden verdacht van betrokkenheid bij grootschalige drugssmokkel via de haven van Ceuta, zijn na maanden in voorlopige hechtenis op vrije voeten gesteld.
De rechtbank heeft hun vrijlating toegestaan tegen betaling van borg, bijna een jaar nadat zij werden vastgezet in het omvangrijke tunnelonderzoek.
De agenten gelden als verdachten in een zaak die draait om de smokkel van grote hoeveelheden hasj vanuit Marokko naar het Spaanse vasteland. Volgens het onderzoek zouden zij binnen de haven van Ceuta een faciliterende rol hebben gespeeld door zendingen ongehinderd door te laten, vermoedelijk in ruil voor geld. Ondanks hun vrijlating mogen de twee voorlopig niet terugkeren naar hun functie zolang het strafrechtelijk onderzoek nog loopt.
De zaak kreeg begin dit jaar nationale aandacht toen autoriteiten in een industriegebied bij El Tarajal een ondergrondse doorgang ontdekten, vlak bij de grens met Marokko. De tunnel liep tientallen meters onder de grond en werd gezien als een cruciale schakel in een professioneel opgezet smokkelnetwerk. Opsporingsdiensten vermoeden dat via deze route gedurende langere tijd grote partijen drugs Spanje zijn binnengesluisd.
Justitie onderzoekt inmiddels breder of ook andere functionarissen die werkzaam zijn in en rond de haven van Ceuta betrokken waren bij de smokkelpraktijken. De tunnel geldt daarbij als een belangrijk bewijsstuk dat wijst op langdurige samenwerking tussen criminelen en corrupte insiders binnen veiligheidsdiensten.
Wanneer de zaak inhoudelijk voor de rechter wordt behandeld, is nog niet bekend. Tot die tijd blijven de verdachten onder voorwaarden op vrije voeten, terwijl het onderzoek naar de volledige omvang van het netwerk wordt voortgezet.

