In verband met fraude bij het CBR is in hoger beroep tot 13 maanden cel geëist tegen de verdachten.

Een man wordt door justitie ervan verdacht tegen betaling kandidaten voor hun rijexamen te hebben laten slagen. De fraude speelde zich af tussen 2011 en 2014. In 2014 kwam de CBR achter de fraude en heeft aangifte gedaan tegen de examinator. Uit onderzoek van de politie blijkt dat zo’n 200 kandidaten een rijexamen hadden gekocht bij de examinator en betrokken rijschoolhouders.

Daarvoor werden bedragen tot rond de 3000 euro betaald. Het geld werd verdeeld tussen de examinator en rijschoolhouder. Na de ontdekking van de fraude heeft het CBR alle geslaagden verteld dat zij hun rijbewijs moeten inleveren. Een deel van hen ging tegen die beslissing in beroep en hebben het rijbewijs mogen houden na het halen van een rijtest.

De fraude was mogelijk doordat de examinator op twee locaties soms als enige CBR-medewerker rijexamens afnam. Stond hij voor die locaties ingeroosterd, dan was er een grote kans dat hij de examinator zou zijn. Volgens de advocaat-generaal is er voldoende bewijs van de fraude. Zo zijn er SMS’jes van de examinator aan de rijschoolhouders waarin hij meldt: ‘Weer prettig samengewerkt. Zonder garantie was het niet gelukt voor ze’.

De rechtbank veroordeelde de CBR-examinator in 2016 tot een gevangenisstraf van negen maanden. De rijschoolhouders kregen taakstraffen opgelegd. Drie van de vier verdachten zijn tegen die uitspraak in hoger beroep gegaan. Het OM diende in alle vier de zaken hoger beroep in. De advocaat-generaal neemt het de verdachten zeer kwalijk, niet alleen dat zij fraude hebben gepleegd, maar ook dat zij dit gedaan hebben ten koste van de verkeersveiligheid en meent daarom dat celstraffen op hun plaats zijn.

Tegen de examinator is 13 maanden cel geëist en tegen de drie voormalige rijschoolhouders die volgens het OM met hem in het complot zaten (een Amsterdammer, een Diemenaar en een inwoner van Den Helder) eiste de advocaat-generaal gevangenisstraffen van acht maanden. Ook eiste het OM dat de vier verdachten gedurende vijf jaar niet het beroep van rijschoolhouder, rijinstructeur en rijexaminator mogen uitvoeren.