De tweede man van terreurorganisatie al-Qaida is in Iran op straat geliquideerd door huurmoordenaars.

Dat bevestigen vier Amerikaanse inlichtingenfunctionarissen aan The New York Times. Het gaat om Abu Muhammad al-Masri die gezien wordt als de op een na hoogste persoon in de terreurorganisatie. al-Masri werd op 7 augustus op straat in Teheran doodgeschoten door twee huurmoordenaars. Zijn dochter Miriam kwam hierbij ook om het leven. Zij was de weduwe van Hamza bin Laden, de zoon van Osama bin Laden.

Volgens bronnen van de krant is de liquidatie in opdracht van de Verenigde Staten uitgevoerd door Israëlische agenten. Al-Qaida heeft de dood van zijn hooggeplaatste strijder nog niet bevestigd. Na de moord maakten Iraanse staatsmedia bekend dat het slachtoffer een Libanese geschiedenisleraar was. Dat was volgens de The New York Times een doofpotverhaal.

Al-Masri staat al jarenlang op de Most Wanted-lijst van de Amerikaanse FBI. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor de aanslagen op Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania in 1998. Daarbij kwamen 224 mensen om het leven en raakten honderden mensen gewond. De Amerikanen hadden een beloning van 10 miljoen dollar op zijn hoofd gezet.

© FBI