Vader krijgt 30 jaar voor moord ‘te westerse’ dochter in Friesland, broers krijgen 20 jaar celstraf

De rechtbank Midden-Nederland heeft een vader en zijn twee zoons veroordeeld voor hun gezamenlijke rol bij de dood van hun 18-jarige dochter en zus.


De vader kreeg de maximale tijdelijke gevangenisstraf van dertig jaar opgelegd. Zijn twee zoons zijn veroordeeld tot celstraffen van twintig jaar. Volgens de rechtbank hebben de drie mannen bewust samengewerkt bij het plannen en uitvoeren van de moord.

Het lichaam van de jonge vrouw, afkomstig uit Joure, werd op 28 mei 2024 gevonden in de Oostvaardersplassen. Een boswachter trof haar levenloos aan in het water. Ze lag vastgebonden met tape en bleek door geweld om het leven te zijn gebracht. Al snel werd duidelijk dat haar dood het eindpunt was van een langdurig conflict binnen het gezin, waarin haar persoonlijke keuzes steeds vaker tot spanningen hadden geleid.

De rechtbank schetst een beeld van een gezin waarin de jonge vrouw onder druk stond vanwege haar gedrag en levensstijl. Haar wens om geen hoofddoek te dragen en haar contacten met jongens werden door meerdere familieleden afgekeurd. Hulpinstanties waren al langere tijd betrokken bij het gezin. De spanningen liepen verder op nadat zij kort voor haar dood zonder hoofddoek op sociale media verscheen en zich kritisch uitliet over haar familie.

Uit het strafdossier blijkt dat de broers hun zus op 27 mei 2024 in Rotterdam wisten te vinden. Zij haalden haar op en reden met haar naar de Oostvaardersplassen. Tijdens die rit stonden zij in voortdurend contact met hun vader, die hen aanwijzingen gaf over de route en over wat er met hun zus moest gebeuren. Ook sprak hij met hen af hoe sporen moesten worden uitgewist.

Volgens de rechtbank heeft de vader zijn dochter uiteindelijk zelf vastgebonden, gewurgd en in het water achtergelaten. Op het tape en onder de nagels van het slachtoffer werd zijn DNA aangetroffen. Locatiegegevens en sporen op kleding bevestigen dat hij samen met minstens één van zijn zoons op de plek van het misdrijf is geweest. Algen die op de schoenen van een van de broers zijn gevonden, komen overeen met de vindplaats van het lichaam.

Hoewel bij één van de zoons niet exact kon worden vastgesteld wat zijn handelingen waren op het moment van doden, acht de rechtbank ook hem medeverantwoordelijk. Hij wist wat zijn zus te wachten stond, werkte mee aan haar vervoer naar de afgelegen locatie en hielp daarna bij het wissen van sporen en de vlucht van zijn vader. De verklaringen van de broers dat zij hun zus juist wilden beschermen, noemt de rechtbank ongeloofwaardig.

De rechtbank spreekt van een planmatige moord binnen familieverband. Daarbij speelde het begrip familie-eer een duidelijke rol. Ook wordt de zaak aangemerkt als femicide: geweld tegen een vrouw vanwege haar gender en haar persoonlijke keuzes. Dat motief rekent de rechtbank de verdachten zwaar aan en ziet zij als strafverzwarend.

De vader bekende het doden van zijn dochter en vluchtte na het misdrijf naar Syrië. Volgens de rechtbank heeft hij daarmee elke verantwoordelijkheid ontlopen en zijn gezin ontwricht achtergelaten. Zijn leidende rol, de betrokkenheid van zijn zoons en de berekenende wijze waarop hij te werk ging, waren redenen om hem zwaarder te straffen dan door het Openbaar Ministerie was geëist. De twee zoons kregen celstraffen conform de eis van twintig jaar.

Met de veroordelingen komt een einde aan een zaak die volgens de rechtbank laat zien hoe dodelijk familieconflicten kunnen worden wanneer controle, eer en dwang de overhand krijgen boven bescherming en verantwoordelijkheid.

Volg CrimeNieuws op:

WhatsApp Instagram Snapchat Twitter (X)