De rechtbank Oost-Brabant heeft vier verdachten veroordeeld voor hun betrokkenheid bij het afsteken van zwaar vuurwerk bij twee woningen in Eindhoven.
De 28-jarige man uit Eindhoven, die opdracht gaf voor de acties, kreeg een celstraf van twee jaar. Een 21-jarige plaatsgenoot werd voor zijn aandeel in het incident veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf. Ook een 23-jarige Eindhovenaar en een 18-jarige vrouw uit Waalre kregen gevangenisstraffen, maar met voorwaardelijke delen en taakstraffen.
Achtergrond van de zaak
In de zaak gaf de 28-jarige man, die een uitgebreid strafblad heeft, de opdracht aan de 21-jarige tussenpersoon om zwaar vuurwerk, een cobra, af te steken bij de woningen van twee mensen in Eindhoven. De 21-jarige schakelde een 18-jarige vrouw in om de actie uit te voeren. De vrouw reed met een 23-jarige man als chauffeur naar de woningen, waar zij het vuurwerk aan de ramen bevestigde en aanstak. Ondanks dat er mensen thuis waren, bleef het gelukkig bij materiële schade.
De strafmaat en overwegingen van de rechtbank
Bij de strafbepaling hield de rechtbank rekening met het feit dat het vuurwerk werd afgestoken in een woonwijk, waarbij het doel vermoedelijk was om personen te intimideren. Het afsteken van dergelijk zwaar vuurwerk veroorzaakt niet alleen schade, maar brengt ook gevaar en angst met zich mee. De rechtbank benadrukte dat de explosies weliswaar niet levensbedreigend waren, maar toch de veiligheid van de bewoners in gevaar brachten.
Veroordelingen
• De 28-jarige opdrachtgever kreeg twee jaar gevangenisstraf en moet daarnaast 400 dagen van een eerdere voorwaardelijke straf uitzitten.
• De 21-jarige tussenpersoon kreeg de zwaarste straf: drie jaar cel, mede vanwege zijn betrokkenheid bij het verstrekken van de cobra’s en het bezit van wapens en explosieven.
• De 23-jarige chauffeur kreeg een celstraf van ruim zes maanden, waarvan hij het grootste deel tijdens de voorlopige hechtenis al had uitgezeten. Hij krijgt een voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden voor ambulante behandeling en begeleid wonen.
• De 18-jarige vrouw kreeg 180 dagen jeugddetentie, waarvan een groot deel voorwaardelijk. Ze hoeft niet terug naar jeugddetentie, aangezien zij de straf al grotendeels in voorarrest heeft uitgezeten. De rechtbank heeft haar echter onder voorwaarden van hulpverlening en begeleiding geplaatst.
De rechter benadrukt dat dit soort criminaliteit steeds vaker voorkomt en zorgt voor onrust in de samenleving. Met de veroordelingen hoopt de rechtbank een duidelijke boodschap af te geven: dergelijke gewelddadige acties, die bewoners in gevaar brengen, kunnen niet onbestraft blijven.

