De rechtbank heeft een man uit Soest veroordeeld tot 18 jaar gevangenisstraf voor het doden en in stukken zagen van zijn ex.

De relatie tussen het slachtoffer en haar 57-jarige partner Bart B. was na 20 jaar beëindigd. Op 28 december 2018 zou Miranda naar Canada vliegen, naar een vriend van vroeger met wie ze weer contact had. Het Openbaar Ministerie (OM) vermoedt dat de vrouw die dag of avond om het leven is gebracht. B. deed nog maanden alsof Miranda leefde en in het buitenland een nieuw leven was gestart. Uit haar naam werden meerdere mailtjes en berichten verstuurd.

Niet zo lang na de dood van de vrouw haalde B. meer dan 100.000 euro van de spaarrekening van Miranda. In april 2019 werd hij uiteindelijk aangehouden door de politie. B. heeft toegegeven dat hij het lichaam in stukken heeft gezaagd, maar ontkent dat hij haar heeft gedood. Volgens de verdachte trof hij haar dood aan onder aan de trap. Naar eigen zeggen had hij 112 moeten bellen maar weet niet waarom hij dat uiteindelijk niet heeft gedaan.

Het verhaal van de verdachte, dat het slachtoffer is overleden door een val van de trap, gelooft de rechtbank niet. Uit onderzoek blijkt dat ze is omgekomen door harde klappen tegen haar hoofd. Ook kan het zijn dat ze is gestikt. Aangezien de verdachte heeft verklaard dat hij alleen thuis was met het slachtoffer, kan het niet anders zijn dat hij verantwoordelijk is voor haar dood. De verdachte heeft wel bekend dat hij het lichaam in stukken heeft gezaagd en op verschillende plekken heeft achtergelaten. Ook heeft hij bekend dat hij zich voordeed als zijn partner.

Volgens de rechtbank is ook bewezen dat hij vlak na de dood van het slachtoffer ruim honderdzestien duizend euro van haar rekening overboekte naar hun gezamenlijke rekening. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van 20 jaar. De rechtbank is niet meegegaan met de eis omdat de maximale straf voor doodslag 15 jaar is. De verdachte heeft nog drie jaar erbij gekregen voor de andere feiten. Het OM en de verdachte kunnen nog in hoger beroep.