De rechtbank heeft twee Rotterdammers van 20 en 23 jaar veroordeeld tot een gevangenisstraf van 36 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, voor een gewapende overval op een camerawinkel in Geldermalsen en de daaropvolgende bedreiging van een omstander met een nepwapen. De overval vond plaats op 17 juli 2025.
De twee mannen stapten op klaarlichte dag de winkel binnen tijdens openingstijd. De 23-jarige liep direct door naar het kantoor achter de toonbank en bedreigde drie medewerkers met een nepwapen. Hij nam ook de telefoon van één van de medewerkers mee.
Tegelijkertijd sloeg de 20-jarige een vitrinekast kapot met een hamer en vulde een tas met camera’s en cameralenzen. Het duo had zich vooraf voorbereid: ze droegen gezichtsbedekking en meerdere lagen kleding en hadden een scooter klaarstaan om te vluchten.
Na enkele minuten verlieten de mannen de winkel en sloegen op de scooter op de vlucht. Onderweg vielen ze van de scooter. Een omstander probeerde hen aan te houden, waarop één van de Rotterdammers het nepwapen tegen zijn borst hield en riep dat hij zou schieten. Er ontstond een korte worsteling voordat het duo wegrende naar een klaarstaande vluchtauto.
De rechtbank oordeelde dat bij zowel de overval als de bedreiging van de omstander sprake was van medeplegen. De 20-jarige deed een beroep op psychische overmacht, stellende dat hij onder druk was gezet. De rechtbank verwierp dat verweer.
Opvallend is de lage schadevergoeding die de rechtbank oplegde: slechts 250 euro aan de winkeleigenaar, terwijl bij een dergelijke overval de schade aan inboedel en gederfde inkomsten doorgaans aanzienlijk hoger uitvalt. Voor het voorwaardelijke strafdeel geldt een proeftijd van drie jaar met bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.

