Twee jaar undercover recherchewerk heeft geleid tot een grootschalige politieoperatie in Portugal en Spanje.
De Portugese Nationale Republikeinse Garde (GNR) voerde in totaal 38 huiszoekingen uit, waarvan vier op Spaans grondgebied. Bij de actie werden veertien verdachten aangehouden, onder wie één persoon op basis van een Europees aanhoudingsbevel dat werd uitgevoerd door de Spaanse Guardia Civil.
De operatie richtte zich op een internationaal opererende criminele organisatie die actief was in de handel van meerdere soorten drugs. Bij de invallen namen de autoriteiten 64 kilogram aan verdovende middelen in beslag, waaronder hasj, cannabis, cocaïne, MDMA en ketamine. Daarnaast werd er 95.000 euro aan contant geld gevonden en in beslag genomen.
De inbeslagnames bleven niet beperkt tot drugs en geld. Agenten troffen ook een aanzienlijk arsenaal aan wapens aan: vier vuurwapens, twee luchtdrukwapens, twee elektrische wapens en zeven steekwapens. Daarbij kwamen nog 141 stuks munitie. Ook werden tien voertuigen in beslag genomen, evenals goud, edelstenen en diverse andere voorwerpen die in verband worden gebracht met de gepleegde strafbare feiten.
Voor de uitvoering van de operatie werden meerdere gespecialiseerde eenheden van de GNR ingezet. Het ging onder meer om de Nood-, Beschermings- en Reddingseenheid, de Kust- en Grensbewakingseenheid, de Fiscale Actie-eenheid en de Interventieeenheid. Ook de territoriale commando’s van Setúbal en Santarém en de Directie Strafrechtelijk Onderzoek waren betrokken. Aanvullende ondersteuning werd verleend door de Portugese openbare veiligheidspolite en het Nationale Instituut voor Medische Noodhulp.
Gezien het grensoverschrijdende karakter van de criminele organisatie werkte Portugal nauw samen met de Spaanse autoriteiten. De samenwerking verliep via de Guardia Civil, in het bijzonder via het commando in Cádiz. Die grensoverschrijdende samenwerking bleek doorslaggevend: één van de veertien aanhoudingen kon alleen worden verricht dankzij het Europees aanhoudingsbevel dat door de Spaanse collega’s werd uitgevoerd.
Operaties van deze omvang zijn het resultaat van langdurig en intensief recherchewerk. Twee jaar lang verzamelden de onderzoekers bewijsmateriaal en brachten ze de structuur van de organisatie in kaart voordat werd overgegaan tot actie. Die aanpak — eerst grondig in kaart brengen, dan hard toeslaan — is kenmerkend voor grootschalige operaties tegen georganiseerde criminaliteit in Zuid-Europa.
De Portugees-Spaanse samenwerking past in een bredere Europese trend waarbij nationale politiediensten steeds vaker over de grens samenwerken om criminele netwerken te bestrijden die zich bewust bedienen van nationale grenzen om vervolging te bemoeilijken.
Het gebruik van een Europees aanhoudingsbevel onderstreept hoe belangrijk juridische samenwerking binnen de EU is geworden bij de aanpak van georganiseerde misdaad.
De GNR heeft de resultaten van de operatie publiekelijk bekendgemaakt via sociale media, een praktijk die steeds gebruikelijker wordt bij grote opsporingsoperaties. Transparantie richting het publiek en het uitdragen van een sterk signaal naar criminele netwerken gaan daarbij hand in hand.
Over de identiteit van de aangehouden verdachten en de exacte locaties van de huiszoekingen is vooralsnog geen informatie vrijgegeven. Het onderzoek loopt nog en verdere aanhoudingen worden niet uitgesloten.

