In Noord-Korea zijn drie medewerkers van een scheepswerf gearresteerd nadat een tewaterlating van een 5000 ton wegend marineschip op dramatische wijze mislukte.
Het incident vond plaats op een werf in de havenstad Chongjin, waar het schip volgens plan zijwaarts het water in had moeten glijden – een nieuwe methode voor het land. De operatie liep echter fout toen een hijsvaartuig het schip te vroeg losliet, waardoor de tewaterlating faalde.
Onder de gearresteerden bevinden zich de hoofdingenieur van de werf, het hoofd van de bouwafdeling en een administratief medewerker. De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un was persoonlijk aanwezig bij het incident en noemde het een “criminele daad”. Hij eiste zware straffen voor de betrokkenen. Welke straffen dat precies zijn, is niet bekendgemaakt, maar Noord-Koreaanse gevangenissen staan internationaal bekend om hun mensonterende omstandigheden en het gebruik van marteling.
Satellietbeelden van het schip tonen dat het gedeeltelijk op zijn zijde ligt en is afgedekt met zeildoek, vermoedelijk om de omvang van de schade verborgen te houden. Het regime beweert dat de schade beperkt is en dat het schip binnen tien dagen gerepareerd kan worden. Onafhankelijke deskundigen betwijfelen die claim en schatten dat de herstelwerkzaamheden mogelijk tot een jaar kunnen duren.

