De rechtbank heeft tot 22 jaar gevangenisstraf opgelegd voor een liquidatie in Breda. Het slachtoffer, Peter van der Linde, werd op straat doodgeschoten.

De liquidatie werd op 6 januari 2017 uitgevoerd. Volgens de rechtbank maakten de drie verdachten samen een plan om hem te vermoorden. Zij lokten Peter van der Linde de bewuste avond naar café ’t Hoekske in Breda. Op het moment dat het slachtoffer buiten het café stond te wachten, zijn er zeker veertien kogels op hem afgevuurd. Het slachtoffer overleefde dit niet. De verdachten zijn gevlucht in een gestolen auto die later uitgebrand werd teruggevonden in Essen.

Het onderzoek kwam in een stroomversnelling door een undercover actie van de politie. Tijdens die contacten heeft een verdachte bekend betrokken te zijn bij de moord en heeft hij uit de doeken gedaan hoe het plan in elkaar zat. De rechtbank heeft uitgebreid gekeken of deze verklaringen wel bruikbaar waren voor het bewijs. De rechtbank kwam daarbij tot de conclusie dat dit het geval is. De verklaringen zijn niet onder druk afgelegd en de rechtbank vindt de verklaringen betrouwbaar.

De rechtbank legt een gevangenisstraf op van 22 jaar voor de schutter omdat de manier waarop het slachtoffer is vermoord zeer gewelddadig was en de schutter een omvangrijk strafblad heeft. De andere twee verdachten zijn veroordeeld tot 18 jaar gevangenisstraf. De verdachten en justitie kunnen nog in hoger beroep.