Twee jaar celstraf geëist voor dodelijke schietpartij Amsterdam na kettingroof

De rechtbank heeft zich vandaag gebogen over de zaak tegen een inmiddels 17-jarige verdachte van de doodslag op een 17-jarige jongen op 7 augustus 2025 aan de Meernhof in Amsterdam-Zuidoost.


De verdachte was ten tijde van het incident 16 jaar oud. Hij stond daarnaast ook terecht voor een poging tot gewapende overval op 31 juli 2025. Omdat het om een minderjarige gaat, vond de zitting achter gesloten deuren plaats.

Volgens het onderzoek vond de dodelijke schietpartij plaats na een conflict dat mogelijk is ontstaan rond een beroving. Op de avond van het incident kwamen rond 21.30 uur meerdere meldingen binnen van een schietpartij bij een voetbalveld aan de Meernhof. Agenten troffen het slachtoffer daar in kritieke toestand aan. Hij werd overgebracht naar het ziekenhuis, waar hij later die nacht overleed aan zijn verwondingen.

Uit het onderzoek blijkt dat ongeveer een uur vóór het schietincident een beroving heeft plaatsgevonden. De verdachte zou samen met een vriend op een fatbike een andere jongen van zijn ketting hebben beroofd. Daarna zouden de beroofde jongen en het latere slachtoffer contact hebben gezocht met anderen om de ketting terug te krijgen, wat uiteindelijk leidde tot de fatale confrontatie.

In het onderzoek zijn ook beelden van sociale media meegenomen. Daarop zijn onder meer twee rennende personen te zien, waaronder de vriend van het slachtoffer en de verdachte. Daarnaast circuleerde een video waarin de verdachte samen met een vriend in een lift te zien is, waarbij een ketting wordt getoond met de tekst dat het om een gewelddadig conflict rond die ketting zou gaan. Ook werd de verdachte online als “wanted” afgebeeld.

De verdachte ontkent iedere betrokkenheid bij het schietincident. Volgens de officier van justitie is dat zijn recht, maar maakt deze proceshouding het voor nabestaanden moeilijker om inzicht te krijgen in de toedracht van het misdrijf.


Het slachtoffer was 17 jaar oud en zou tien dagen later 18 zijn geworden. Volgens nabestaanden was hij zeer geliefd binnen zijn familie en vriendenkring.

Het Openbaar Ministerie acht de feiten wettig en overtuigend bewezen en eist de maximaal mogelijke straf binnen het jeugdstrafrecht: twee jaar jeugddetentie. Daarnaast vordert het OM een PIJ-maatregel van twee jaar, vanwege het risico op herhaling en de noodzaak tot langdurige klinische behandeling zoals door deskundigen is vastgesteld.

Volg CrimeNieuws op:

WhatsApp Instagram Snapchat X