Een 30-jarige man uit Hilversum is door de politierechter van de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld voor poging tot brandstichting tijdens een demonstratie in Loosdrecht tegen de komst van een asielzoekerscentrum.
De man kreeg een gevangenisstraf van 30 dagen opgelegd, waarvan 27 dagen voorwaardelijk, en een taakstraf van 100 uur. De straf ligt lager dan de eis van het Openbaar Ministerie, dat uitging van een aanzienlijk zwaardere celstraf en taakstraf.
Het incident vond plaats tijdens een demonstratie die volgens de politie gaandeweg uit de hand liep. De verdachte verklaarde dat hij een fakkel wilde aansteken en vasthouden, maar deze zou hebben weggegooid op het moment dat de situatie escaleerde en de ME ingreep.
Volgens zijn verklaring was het niet zijn bedoeling om iemand te raken of schade te veroorzaken. Hij stelde dat hij de fakkel juist naar een veilige plek wilde gooien.
Camerabeelden vanuit een politiehelikopter schetsen echter een ander beeld. Daarop is te zien hoe de man rent, stopt, de fakkel aansteekt en deze vrijwel direct weggooit in de richting van de situatie.
De officier van justitie noemde die verklaring ongeloofwaardig en stelde dat de man bewust de kans heeft aanvaard dat er brand of gevaar zou ontstaan. Ook wees het OM op het risico dat ontstaat wanneer met brandende objecten wordt gegooid in een drukke omgeving.
De politierechter sloot zich aan bij de conclusie dat sprake was van een ernstig feit, maar vond niet bewezen dat er daadwerkelijk sprake was van concreet levensgevaar. Dat was voor de rechter reden om een lagere straf op te leggen dan geëist.
Bij het bepalen van de straf werd ook meegewogen dat het incident plaatsvond tijdens een demonstratie die onder politiebegeleiding verder escaleerde.

