De rechtbank in Groningen heeft een man veroordeeld tot vijftien jaar cel voor het doden van echtgenote. Het lichaam van het slachtoffer is nooit gevonden.

De rechtbank merkt in het vonnis op dat het slachtoffer, Ilham Benchelh, op zondagavond 10 januari 2010 voor het laatst contact heeft gehad met een aantal vriendinnen en met haar moeder. Daarna is zij spoorloos verdwenen en heeft in de afgelopen negen jaar niemand haar ooit meer gezien of gehoord. Ook heeft zij na 10 januari 2010 geen gebruik meer gemaakt van haar telefoon of bankrekening. De rechtbank gaat er om die reden vanuit dat zij na 10 januari 2010 niet meer in leven is geweest.

De vrouw wilde ten tijde van haar verdwijning scheiden van Kasem M., haar man. Volgens de rechtbank is dat een duidelijk motief en zijn ze er van overtuigd dat Benchelh door geweld om het leven is gebracht. In de woning van het echtpaar en in de kofferbak van hun auto werd bloed aangetroffen.

Het uitgebreide onderzoek door de politie heeft geen aanwijzingen opgeleverd voor een natuurlijk overlijden, een noodlottig ongeval of voor zelfmoord. De straf die de rechtbank oplegt is hoger dan de eis van de officier van justitie en is de maximale straf die voor doodslag opgelegd kan worden.